Importeer een product in 9 stappen

Als ondernemer kan het importeren van buitenlandse producten naar Nederland veel perspectieven bieden. U moet daarbij echter wel bepaalde regels van de overheid in acht nemen. In dit stappenplan leest u meer over de bekendste verplichtingen, maar houd er rekening mee dat dit een algemene richtlijn is. Mogelijk zijn op uw situatie nog andere regels van toepassing: importeer een product in 9 stappen.

1. Check of het product mag worden ingevoerd

Het is uiteraard niet de bedoeling dat u ‘zomaar’ begint met het invoeren van die geurige en aromatische theemelanges uit Maleisië. In eerste instantie zoekt u via een marktonderzoek uit of er op de Nederlandse markt wel vraag is naar dit product. Misschien geven consumenten hier nog steeds de voorkeur aan thee van de bekende merken, of maken zij liever gebruik van theezakjes dan van losse theebladeren. Dan kunt u het importeren van de Maleisische thee liever meteen uit uw hoofd zetten. Als u echter vaststelt dat er in ons land hiervoor wel degelijk een markt bestaat, is het zaak om verder te kijken.

In dat geval kunt u, voordat u zich gaat bezighouden met het schrijven van het importplan, nagaan of de overheid uw plannen van dit specifieke product ook ziet zitten. Het invoeren van producten uit andere EU-landen levert vrijwel nooit problemen op. Producten importeren van buiten de EU ligt vaak iets ingewikkelder. U moet dan rekening houden met de Douane, de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) en de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ), die controles uitvoeren om te zien of u zich wel goed houdt aan de wetgeving op het gebied van veiligheid, gezondheid, economie en milieu.

Sommige goederen mag u sowieso niet of slechts beperkt invoeren, terwijl voor andere goederen specifieke voorwaarden gelden. Klik hier voor een overzicht van de verschillende goederen en daarbij horende voorwaarden. Daarnaast moet u ook altijd nagaan of er geen bepaalde merk-, model-, octrooi- of auteursrechten op het in te voeren product rusten.

2. Vraag indien nodig toestemming aan de producent

Bij het importeren van producten krijgt u niet alleen te maken met de EU, maar ook met de landen van de Europese Economische Ruimte (EER), die werd opgericht in 1992. De EER is het akkoord tussen de landen van de Europese Unie en de Europese Vrijhandels Associatie (EVA), met uitzondering van Zwitserland. Het akkoord bevordert vrij verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal tussen de deelnemende landen. Bij het importeren van producten van buiten de EU krijgt u echter nadrukkelijker te maken met de lokale producent; deze moet u namelijk toestemming geven om de producten naar Nederland te importeren en te verkopen.

Binnen de EER producten zonder toestemming importeren wordt ook wel parallelimport genoemd. Dit is vanzelfsprekend niet aan te raden, omdat de straf op parallelimport varieert van een schadevergoeding tot vernietiging van de geïmporteerde voorraad. Echter, een product dat in de EER via een officieel distributiekanaal in de handel wordt gebracht, is daarna binnen de EER dus vrij verhandelbaar.

3. Wel of geen invoervergunning nodig?

Het kan zijn dat u als importeur van een bepaald product in het bezit moet zijn van een invoervergunning. Daarbij moet u vooral denken aan goederen die beperkt of alleen onder strenge voorwaarden mogen worden ingevoerd, zoals wapens of bedreigde plantensoorten. Een standaard lijst om het te checken bestaat niet, maar de Centrale Dienst In- en Uitvoer (CDIU) in Groningen kan u op dat gebied zeker meer vertellen. Een andere mogelijkheid is om hiervoor een consulent internationale handel van de Kamer van Koophandel (KvK) te raadplegen. Mocht u in aanmerking komen voor een vergunning, moet u zelf een aanvraag indienen bij het CDIU.

4. Houd u aan de Warenwet

De Warenwet geldt niet alleen voor producenten van levensmiddelen of andere consumentenproducten, maar ook voor importeurs. In feite moet iedereen die producten produceert, bereidt of verkoopt zich hieraan houden. In de Warenwet staan algemene regels over volksgezondheid, veiligheid van producten, eerlijkheid van handel en goede voorlichting. De wet wordt nog wel eens aangepast, zoals afgelopen voorjaar nog de regels voor de etikettering van textielproducten. Het is belangrijk dat u zich ook al importeur altijd goed aan de Warenwet houdt. Mocht u deze Wet overtreden, kunt u te maken krijgen met de maatregelen – zogenaamde interventies – van de de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA). Deze maatregel kan een waarschuwing zijn, maar ook een geldboete.

5. Zoek uit of een CR-markering noodzakelijk is

De CE-markering is bestemd voor industriële of bouwproducten die afkomstig zijn uit een EU-land en binnen de EER op de markt worden gebracht. Een CE-markering is niet altijd nodig, maar importeurs van bijvoorbeeld speeltoestellen, cosmetica en verpakkingen uit een ander EU-land kunnen er vanuit gaan dat zij wel aan deze verplichting moeten voldoen. In dit artikel leest u alles over de CE-markering of uw importproducten hiervoor in aanmerking komen. Op de website van Agentschap NL vindt u bovendien een overzicht van de geldende richtlijnen op dit gebied.

6. Maak goede afspraken met uw leverancier(s)

Niets zo vervelend als een bestelling die beschadigd of niet op tijd wordt bezorgd bij uw klanten. Om te voorkomen dat u als importeur uiteindelijk moet opdraaien voor deze kosten, is het van groot belang om altijd eerst duidelijke afspraken te maken met uw leverancier(s). Sluit een koop-, distributie- of agentuurovereenkomst af en maak hierin duidelijke afspraken over bijvoorbeeld aansprakelijkheid, garantie en welk nationaal recht van toepassing is.

7. Houd rekening met de productaansprakelijkheid

In principe kan in Nederland de producent van een product aansprakelijk worden gesteld voor schade die door een gebrek in uw product wordt veroorzaakt (denk aan een incomplete gebruiksaanwijzing of het ontbreken van een veiligheidsvoorziening). Maar als u een product van buiten de EU importeert, wordt u juridisch beschouwd als de producent. Er wordt voor de wet op dit gebied echter wel onderscheid gemaakt tussen importeurs en agenten. De regel geldt alleen voor producten en is niet van toepassing op gebouwen of diensten. Het risico op productaansprakelijkheid kunt u afdekken met een zogenaamde productaansprakelijkheidsverzekering.

8. Doe tijdig aangifte bij de douane

Het ligt misschien enigszins voor de hand, maar als u goederen importeert (of exporteert) uit een land van buiten de EU, moet u de betreffende goederen altijd aangeven bij de douane. Deze aangifte doet u digitaal of via het Enig document en in samenwerking met een vervoerder, logistiek dienstverlener of douane-expediteur. Aan de hand van uw aangifte wordt de specifieke invoerheffing berekend. Daarnaast kijkt de douane of het importproduct voldoet aan de invoerregels op onder meer het gebied van veiligheid en milieu. Meer informatie over het doen van aangifte bij de douane leest u op de website van Agentschap NL.

9. Vergeet eventuele invoerheffingen niet

Gaat u producten invoeren van buiten de EU? Dan krijgt u gegarandeerd te maken met invoerheffingen. U moet dan bijvoorbeeld rekening houden met bijkomende kosten voor de BTW, invoerrechten en accijnzen. De hoogte van het specifieke bedrag hangt onder meer af van het soort product en het land waaruit u het product heeft geïmporteerd. Voor meer informatie hierover kunt u terecht in de TARIC-database van de Europese Commissie.

(Bron: Ik ga starten)

Updated: 15 september 2012 — 09:34