Wijziging sectorindeling van uitzendwerkgevers vraagt om nieuwe beoordeling

Sinds jaar en dag deelt de Belastingdienst voor de premieheffing werknemersverzekeringen werkgevers in een sector in; momenteel betreft dit 67 mogelijke sectoren. Als hoofdregel moeten werkgevers, die zich in het kader van de uitoefening van het bedrijf of beroep bezighouden met arbeidskrachten aan een derde ter beschikking te stellen (hierna: uitzendwerkgevers), voor de loonheffingen worden ingedeeld in de uitzendsector (‘Sector 52. Uitzendbedrijven’). In het verleden konden uitzendwerkgevers echter ook ingedeeld worden in een zogeheten ‘vaksector’. Hiervan was sprake als de werkzaamheden van de arbeidskrachten van de uitzendwerkgever voor méér dan 50% van het totale premieplichtige loon op jaarbasis aan één specifieke sector konden worden toegerekend. De sector waartoe de werkzaamheden van de arbeidskrachten feitelijk behoorden, was in dat geval de vaksector.

Sinds 25 mei 2017 is het voor nieuwe uitzendwerkgevers niet meer mogelijk om in een vaksector ingedeeld te worden. Voor uitzendwerkgevers die op dat moment al in een vaksector waren ingedeeld, gold nog tot 1 januari 2020 een overgangsregeling. Met het vervallen van die overgangsregeling moeten alle uitzendwerkgevers zijn ingedeeld in de ‘dure’ sector 52. Het informeren van de Belastingdienst terzake en het doorvoeren van een herindeling moeten volgen, als dat nu nog niet het geval is. Mogelijk gevolgd door aanvullend te betalen premies.

Sectorindeling

Voor de sectorindeling werknemersverzekeringen zijn alle werkgevers ingedeeld in 1 van de 67 sectoren. De sectorindeling is met ingang van 1 januari 2020 alleen nog van belang voor de gedifferentieerde premie Werkhervattingskas (Whk) voor kleine en middelgrote werkgevers.

Voorheen was de sectorindeling ook van belang voor de sectorpremie WW, die als onderdeel van werkloosheidspremie werd geheven. Sinds 1 januari 2020 is deze premie echter niet meer sectorafhankelijk, maar wordt de hoogte van de premie bepaald op basis van de aard van het arbeidscontract. Werkgevers zijn (kortweg) de lage WW-premie verschuldigd voor werknemers met een vast contract en de hoge WW-premie voor werknemers met een flexibel arbeidscontract (contract voor bepaalde tijd).   

Indeling in de uitzendsector (sector 52)

Uitzendarbeid gaat vaak gepaard met hogere arbeidsongeschikheidslasten. Hierdoor is de Whk-premie voor sector 52 in het algemeen (aanzienlijk) hoger dan die voor andere sectoren.

Met ingang van 1 januari 2020 geldt voor alle werkgevers: als méér dan 50% van het premieloon van een werkgever wordt toegerekend aan het ter beschikking stellen van personeel, moet de werkgever (vanaf 1 januari 2020) ingedeeld worden in de uitzendsector.

Onder ‘het ter beschikking stellen van personeel’ wordt in deze context nietverstaan, de situatie waarin:

  1. Werknemers in dienst zijn van een zogenoemde personeels-BV en binnen het concern ter beschikking worden gesteld (sectorindeling van inlenend concernonderdeel is van belang); of
  2. Wordt gewerkt met payrollmedewerkers (sector 45 Zakelijke dienstverlening III is van toepassing).

Mogelijk verplicht gesplitste aansluiting

Voor werkgevers waarvan meer dan 15% van de premieloonsom, maar niet meer dan 50% van de premieloonsom wordt toegerekend aan het ter beschikking stellen van personeel (zoals hiervoor omschreven), geldt een verplichte gesplitste aansluiting. Voor de terbeschikkinggestelde werknemers valt de werkgever in sector 52.

Wat nu?

Gelet op voornoemde wijzigingen moet de sectorindeling van uitzendwerkgevers vanaf 1 januari 2020 opnieuw beoordeeld worden. Uitzendwerkgevers die vanaf deze datum ingedeeld moesten worden in sector 52 en die bij de Belastingdienst bekend waren, hebben eind 2019 een beschikking met de nieuwe sectorindeling ontvangen. Is uw bedrijf niet heringedeeld in sector 52 en zou dat eigenlijk wel moeten? Als werkgever bent u verplicht om een mogelijk onjuiste sectorindeling te melden bij de Belastingdienst, ook al betekent dat mogelijk dat u nog extra premies verschuldigd bent. Deze melding kan worden verzonden (onder vermelding van ‘UZB2020’) naar Belastingdienst/kantoor Amsterdam/Bureau Indelingszaken, postbus 58944, 1040 EE, Amsterdam.

(Bron: BDO)