Heeft mijn BV voldoende inzicht in de cashflow?

In tijden van sterk stijgende kosten worden het steeds belangrijke om voldoen inzicht te hebben in uw cashflow. Wat drijft nu uw cashflow en hoe rich u uw kosten en uw omzet op zo’n manier in dat uw cashflow voorspelbaar wordt en dat u daarmee ook rust krijgt in uw bedrijfsvoering. Hieronder geven wij een aantal tips:

1. Maak cashflow inzichtelijk en voorspelbaar

Maak minimaal een 13-weeks rolling cashflowprognose. Een goede prognose voorkomt verrassingen en maakt sneller bijsturen mogelijk. Kijk niet alleen naar de bankstand van vandaag, maar breng in beeld:

  • wanneer grote inkomsten binnenkomen,
  • wanneer vaste en variabele uitgaven vallen,
  • en waar de kritieke momenten (dips) liggen.

2. Stuur actief op werkkapitaal

Cashflowproblemen ontstaan vaak niet door te weinig omzet, maar door te veel geld dat vastzit in debiteuren, voorraden of te late betaling van eigen facturen. Praktische actiepunten:

  • Debiteuren: streef naar een kortere betaaltermijn en stuur sneller aanmaningen.
  • Crediteuren: benut de beschikbare betaaltermijnen optimaal, zonder relaties te schaden.
  • Voorraad: beoordeel regelmatig of er “slapende” voorraad is die kapitaal vastlegt.

3. Bouw een liquiditeitsbuffer op

Bouw een buffer van minimaal 2 tot 3 maanden vaste kosten op een aparte rekening.
Dit geeft rust en voorkomt dat de onderneming bij tegenvallers direct moet leunen op de rekening-courant of dure kredieten.

4. Scheid privé en zakelijk strikt

Bij DGA’s is de grens tussen privé en zakelijk vaak dun.
Daarom zijn volgende zaken belangrijk:

  • een duidelijke rekening-courantregeling met rente,
  • realistische en gedocumenteerde managementvergoedingen,
  • en het tijdig vastleggen van beloningsafspraken (denk ook aan de gebruikelijkloonregeling).
    Dit voorkomt discussies met de Belastingdienst én houdt de cashflow van de BV zuiver.
  • Zorg ook dat uw nettoloon in overeenstemming is met uw privé uitgavenpatroom.
  • Daarbij is het ook van belang om overeenkomsten met de BV goed op orde te hebben.

5. Beoordeel grote uitgaven op cashflow-impact

Niet elke investering is per definitie verstandig, ook al is deze fiscaal aantrekkelijk.
Stel bij elke grotere uitgave de vraag: “Wat doet dit met mijn cashflow de komende 6–12 maanden?”
Een investering die op papier rendement oplevert, kan op korte termijn de liquiditeit onder druk zetten. Verlies hierbij uiteraard niet langetermijndoelstellingen.

6. Monitor een beperkt aantal financiële KPI’s

Kijk regelmatig een kort dashboard met kritische prestatie-indicatoren zoals bijvoorbeeld:

  • liquide middelen,
  • debiteurenouderdom,
  • crediteurenouderdom,
  • omzet versus prognose

Analyseer daarbij bijvoorbeeld ook of facturatie tijdig plaats vind binnen uw organisatie.

7. Plan vooruit op seizoensinvloeden en pieken

Veel bedrijven hebben seizoensmatige of projectmatige pieken en dalen.
Onderken deze patronen tijdig anticipeer hierop door na te gaan of inkomsten en uitgaven verlegd kunnen worden in de tijd of dat er toch tijdelijk krediet aangetrokken moet worden.

8. Betrek de accountant proactief bij beslissingen

Kijk niet eens per jaar terug, maar plan een aantal momenten in het jaar in om bijvoorbeeld overleg te hebben met uw accountant. Hoe staat alles ervoor. Hierdoor is het ook makkelijker om niet alleen aan financiële planning te doen, maar ook aan fiscale planning en bijvoorbeeld te kijken of er fiscale faciliteiten aangewend kunnen worden of dat overeenkomsten aangepast moeten wroden.


Samengevat:
“Cashflow is de zuurstof van de onderneming. Winst is belangrijk, maar zonder voldoende en voorspelbare liquiditeit komt zelfs een winstgevende BV in de problemen. Door vooruit te kijken, werkkapitaal strak te managen en privé en zakelijk helder te scheiden, houdt u de regie.”

Looncomponenten tijdens vakantie en ziekte: waar moet je als werkgever op letten?

Ontvangt een werknemer tijdens vakantie of ziekte alleen zijn vaste salaris? Niet altijd. Ook toeslagen, bonussen en structureel overwerk kunnen meetellen. Lees waar je als werkgever rekening mee moet houden en hoe je discussies achteraf voorkomt.

Loon tijdens vakantie en ziekte

Werkgevers zijn zich vaak bewust van de verplichting om loon door te betalen tijdens vakantie en ziekte. Minder bekend lijkt dat deze verplichting zich niet altijd beperkt tot het vaste salaris. Met name bij werknemers die structureel toeslagen, bonussen of overwerkvergoedingen ontvangen kan de vraag spelen welke looncomponenten moeten worden meegenomen in de loonbetaling tijdens vakantie of ziekte.

Vakantie: uitgangspunt is het normale loon

Op grond van artikel 7:639 BW behoudt een werknemer tijdens vakantie recht op loon. Hiermee wordt niet slechts het basisloon bedoeld, maar het loon dat de werknemer normaliter zou ontvangen wanneer hij werkzaam zou zijn geweest. Een werknemer mag door vakantieopname namelijk niet financieel slechter af zijn dan wanneer hij zou hebben gewerkt. Dit betekent dat naast het vaste salaris ook andere looncomponenten onderdeel kunnen zijn van het vakantieloon, zoals:

  • Structurele ploegentoeslagen;
  • Onregelmatigheidstoeslagen;
  • Provisies;
  • Variabele beloningscomponenten die nauw samenhangen met de verrichte werkzaamheden;
  • Structureel of regelmatig overwerk.

Zuivere onkostenvergoedingen en incidentele vergoedingen zonder structureel karakter hoeven in beginsel niet te worden meegenomen. De feitelijke aard van de looncomponent is daarbij belangrijker dan de benaming van de looncomponent op de loonstrook.

Ziekte: andere regels, maar vergelijkbare aandachtspunten

Voor ziekte geldt een ander juridisch kader. Op grond van artikel 7:629 BW moet een werkgever gedurende maximaal 104 weken loon doorbetalen. Wettelijk bedraagt dit minimaal 70% van het loon, waarbij cao’s en arbeidsovereenkomsten vaak aanvullende afspraken bevatten over een hogere aanvulling.

Bij ziekte kan ook discussie ontstaan over de vraag welke looncomponenten onderdeel uitmaken van het door te betalen loon. Vaak komt dit loon overeen met het loon tijdens vakantie, maar het daadwerkelijke antwoord hangt ook af van de toepasselijke cao, de arbeidsovereenkomst en de aard van de betreffende looncomponent.

Vakantie tijdens ziekte

Een bijzonder aandachtspunt ontstaat wanneer een werknemer ziek is en vakantie opneemt. In dat geval geldt dat de werknemer tijdens de vakantiedagen in beginsel recht houdt op het volledige vakantieloon. Hierdoor kan het voorkomen dat een werknemer die tijdens ziekte tijdelijk een lager loon ontvangt, gedurende opgenomen vakantiedagen toch aanspraak heeft op 100% van het normale loon.

Recente rechtspraak vergroot het belang van een juiste inrichting

De Hoge Raad heeft bevestigd dat werknemers tijdens vakantie financieel niet mogen worden benadeeld. Werknemers moeten daarom goed kunnen onderbouwen welke looncomponenten in de loonbetaling tijdens vakantie zijn opgenomen en hoe deze zijn berekend. Een onjuiste verwerking kan leiden tot nabetalingsverplichtingen van werkgever aan werknemer. Let daarom met name op bij:

  • Variabel loon;
  • Ploegentoeslagen;
  • Onregelmatigheidstoeslagen;
  • Prestatiebonussen;
  • Structureel overwerk.

(Bron: jonglaan.nl)

Geven aan een ANBI/SBBI via een BV

Giften aan algemeen nut beogende instellingen (ANBI’s) en steunstichtingen SBBI mag u van de winst aftrekken. Per jaar bedraagt de aftrek ten hoogste 50% van de winst, met een maximum van € 100.000. U moet de giften schriftelijk kunnen bewijzen.

Gift aan culturele ANBI

Doet u een gift aan een ANBI die is aangemerkt als culturele instelling? Dan mag u de aftrek verhogen met 50% van het bedrag van de gift. De verhoging is echter maximaal € 2.500.

Voorbeeld 1

U doet een gift van € 2.000 aan een culturele ANBI. Een verhoging van 50% is € 1.000. De verhoging blijft onder het maximum van € 2.500. Uw aftrek is dus (€ 2.000 + € 1.000 =) € 3.000.

Voorbeeld 2

U doet een gift van € 7.000 aan een culturele ANBI. Een verhoging met 50% is € 3.500. Voor de aftrek mag u uw gift echter verhogen met maximaal € 2.500. Uw aftrek is dus (€ 7.000 + € 2.500 =) € 9.500.

Giften in natura

Doet u in een kalenderjaar giften in natura met een totale waarde in het economisch verkeer van meer dan € 10.000? Dan moet u de waarde van de giften aantonen met een taxatierapport of een factuur. Het taxatierapport of de factuur moet voldoen aan een aantal voorwaarden. Laat u dus goed adviseren.

Contante gift niet aftrekbaar

Doet u een gift in de vorm van contant geld? Deze gift is niet aftrekbaar.

Normenkader informatiebeveiliging en privacy in het onderwijs

Totstandkoming

Het Normenkader IBP is ontwikkeld in samenwerking met het onderwijs en op initiatief van het ministerie van OCW, Kennisnet, SIVON, de PO-Raad en de VO-raad. Daarnaast is de samenwerking gezocht met zowel SURF als MBO Digitaal. Hierdoor werkt gehele onderwijssector toe naar dezelfde standaard voor informatiebeveiliging en privacy.

Achtergrond

Het normenkader is gebaseerd op modellen van de Nederlandse Beroepsvereniging van Accountants (NBA) en SURF. Het onderdeel Informatiebeveiliging is gebaseerd op het model van de NBA. Dit model wordt ook door SURF gehanteerd. Het onderdeel Privacy komt voort uit het SURFaudit Toetsingskader Privacy, dat is afgeleid van het “Borgingsproduct AVG” van de IBD/VNG. Het Toetsingskader[1]  valt onder de licentie Naamsvermelding-Niet Commercieel-Gelijk Delen 4.0 Internationaal.

Vragen?

Kennisnet is verantwoordelijk voor de doorontwikkeling en het beheer van het Normenkader IBP. Vanzelfsprekend werken we nauw samen met SIVON, de PO-Raad en VO-raad. Heb je een vraag of opmerking over het Normenkader IBP? Neem dan contact op via ibp@kennisnet.nl.

Programma Digitaal Veilig Onderwijs

Met het programma Digitaal Veilig Onderwijs bundelen het ministerie van OCW, Kennisnet, SIVON, de PO-Raad en de VO-raad hun krachten voor een onderwijssector waarin iedere leerling digitaal veilig kan leren en medewerkers digitaal veilig kunnen werken. Het programma biedt schoolbesturen heldere leidraden en een concreet ondersteuningsaanbod. Het programma stimuleert ook dat leveranciers hun productportfolio in lijn brengen met het normenkader. Zo kunnen scholen voldoen aan hun verantwoordelijkheid om een digitaal veilige organisatie te realiseren. Stap voor stap, Bit by Bit.