All posts in Nieuws voor het MKB(BV), juridisch, jaarrekening

Hoe verwerk je subsidie in de jaarrekening?

Categories: Nieuws, Nieuws voor het MKB (BV), Nieuws voor het MKB(BV), juridisch, jaarrekening
Reacties uitgeschakeld voor Hoe verwerk je subsidie in de jaarrekening?

Overheidssubsidies zoals de tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) zijn een veelbesproken onderwerp in deze coronatijd. Hoe presenteer je de subsidie in de jaarrekening? Moet je dit verwerken als omzet of dien je dit in mindering te brengen op de kosten? Is er een keuzemogelijkheid of is de aard van de subsidie bepalend voor de verwerking? In dit artikel gaan we nader in op de exploitatiesubsidies. De andere subsidies komen de volgende keer aan bod.

Soorten subsidies

Hoe de subsidie in de jaarrekening wordt verwerkt is afhankelijk van het soort subsidie. Er zijn vier soorten overheidssubsidies: de exploitatiesubsidie, de financieringsfaciliteit, het ontwikkelingskrediet en de investeringssubsidie. Exploitatiesubsidies zijn:

  • subsidies voor bestedingen die in het jaar van besteding als kosten worden beschouwd
  • of subsidies voor bepaalde gederfde opbrengsten of voor exploitatietekorten in het algemeen

Exploitatiesubsidie

Exploitatiesubsidies dienen in de winst -en verliesrekening van het jaar te worden verwerkt. Er zijn twee mogelijkheden:

  • je brengt de ontvangen subsidies in mindering op de kosten
  • of je verwerkt de subsidie als omzet

De aard van de subsidie kan bepalend zijn voor welke manier je kiest. Uiteindelijk gaat het om het inzicht in de jaarrekening (artikel 2: 362 BW titel 9). Hieronder leggen we uit hoe de subsidie zou kunnen worden verwerkt door middel van een aantal voorbeelden.

Alle voorbeelden hieronder zijn van toepassing bij een BV (in ieder geval).

NOW-subsidie in de jaarrekening verwerken

De NOW-uitkering is een tegemoetkoming in de loonkosten. Vanuit dit oogpunt is het logisch om de uitkering in mindering te brengen op de loonkosten. Maar zijn er nog andere argumenten? Laten we even stilstaan bij het volgende voorbeeld.

Een horeca-ondernemer ontvangt in 2020 een NOW-voorschot van € 48.000 (afgerond). In 2020 bedragen de loonkosten € 280.000 exclusief NOW-voorschot. De NOW-uitkering kan op twee manieren worden verwerkt, in mindering op de kosten of als omzet. Bij de eerste manier worden de loonkosten voor € 232.000 in de winst -en verliesrekening gepresenteerd. Bij de tweede manier verwerk je de subsidie van € 48.000 als omzet en bedragen de loonkosten € 280.000. De tweede presentatiewijze maakt het eenvoudiger inzicht te krijgen in de brutobedragen van de tegemoetkoming en de loonkosten. Bovendien kan je de loonkosten van 2020 eenvoudiger vergelijken met 2019.

Subsidie van de gemeente

Er zijn ook subsidies voor gederfde opbrengsten of voor exploitatietekorten in het algemeen. Een voorbeeld is dat bedrijven subsidie van de gemeente krijgen voor het organiseren van activiteiten die een bijdrage kunnen leveren aan de maatschappij. Het onderstaande voorbeeld maakt dit duidelijk.

Een bedrijf heeft als doel om de samenleving van de inwoners in een gemeente te bevorderen door sportieve activiteiten te organiseren. Hiervoor ontvangt het bedrijf € 3.300 subsidie in 2020. De inschrijfkosten bedragen € 1 per aanmelding. In totaal hebben 200 inwoners zich aangemeld. De exploitatiekosten bedragen € 3.300.

Methode 1: verwerken als omzet

Totale omzet                                                  € 3.500 (€ 200 + € 3.300)
Totale exploitatiekosten                         € 3.300 -/-

Resultaat                                                         € 200

Methode 2: in mindering op de kosten

Totale omzet                                                  € 200
Totale kosten                                                 € 0         -/-

Resultaat                                                         € 200

Door methode 2 toe te passen lijkt het alsof er geen kosten zijn gemaakt, terwijl er wel degelijk kosten zijn gemaakt. In dit geval ligt het voor de hand om de subsidie als omzet te verwerken in de winst -en verliesrekening.

(Bron: Alfa)

Met een jaarrekening zullen ondernemingen relatief sneller een lening kunnen krijgen dan zonder. Dat is in coronatijd goed om in het achterhoofd te houden. Dat gebeurt uiteraard alleen als uit de gegeven informatie blijkt dat er sprake is van een gezonde onderneming. De jaarrekening heeft dan ook een tweeledig belang: informeren en profileren.

Zeker in deze economisch moeilijke tijden door de coronacrisis, doen ondernemingen er alles aan om overeind te blijven. Financiering, of die nu komt in de vorm van overheidssteun, of via leningen en kredietverstrekking, is soms onontbeerlijk om faillissement te voorkomen. Ondernemingen kunnen hun jaarrekening gebruiken als troefkaart voor financiering. Veel rechtspersonen zijn sowieso verplicht een jaarrekening te deponeren. Vanuit de internationale literatuur wordt gesproken over twee doelstellingen van de jaarrekening:

  • Stewardship (rekenschapsfunctie): bestuurders moeten eigenlijk laten zien wat zij met het voor hen ter beschikking staande geld hebben gedaan. Met andere woorden, hoe hebben zij gepresteerd?
  • Decision usefulness: dit betreft de nuttigheid van het jaarverslag in het bepalen van de toekomstige genereerbaarheid van de onderneming. Of anders gezegd, is het nuttig om hierin te investeren?

Spelregels nodig voor het opstellen van de jaarrekening

Deze twee vormen van informatie maken wel bepaalde spelregels noodzakelijk voor het opstellen van de jaarrekening, zodat geen appels met peren worden vergeleken. Anders zou elke onderneming zomaar kunnen roepen dat ze een omzet heeft van € 3 miljoen, zonder dat daar een goede en heldere onderbouwing aan ten grondslag ligt. De spelregels zijn zowel internationaal als nationaal vastgelegd. Gelukkig is er geen strak keurslijf van regels waarvan een ondernemer niet mag afwijken. Want ondanks de internationale invloeden heeft Nederland nog steeds een eigen positie met eigen vastlegging in het Burgerlijk Wetboek.

Jaarrekening geeft breed aanvaard financieel inzicht

Op grond van de wettekst voor rechtspersonen geeft de jaarrekening volgens normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd zo’n goed inzicht dat bijvoorbeeld banken of andere investeerders een verantwoord oordeel kunnen vormen over het vermogen en het resultaat, en voor zover zichtbaar uit de  jaarrekening, over de solvabiliteit en de liquiditeit van de onderneming. Het grote voordeel van uniforme regelgeving is het positieve effect op de vergelijkbaarheid. Doordat de wetgever voor de diverse posten in de jaarrekening het aantal verwerkingswijzen heeft beperkt, is het mogelijk om jaarrekeningen met elkaar te vergelijken. Juist omdat de jaarrekening een betrouwbare status heeft met gedegen informatie, is het een prachtig instrument voor de ondernemer om zich te profileren en geld binnen te halen via kredietverstrekkers. Banken vertrouwen namelijk op een consistent stelsel van grondslagen van waardering en resultaatbepaling dat aan de basis ligt van iedere jaarrekening die volgens de geldende regelgeving opmaakt. Gebruik de jaarrekening dan ook als visitekaartje van de onderneming om gemakkelijker financiering rond te krijgen!

(Bron: Rendement)

Gevolgen coronacrisis voor de jaarrekening en de accountantsverklaring

Categories: Nieuws, Nieuws voor het MKB (BV), Nieuws voor het MKB(BV), juridisch, jaarrekening
Reacties uitgeschakeld voor Gevolgen coronacrisis voor de jaarrekening en de accountantsverklaring

Nu de corona

crisis ook in Nederland enorme consequenties heeft, zijn er ook gevolgen voor de inhoud van de jaarrekening (en het bestuursverslag), de wijze van totstandkoming ervan en de accountantsverklaring die erbij wordt verstrekt. Deze toelichting benoemt – kort – enkele relevante onderwerpen in dat kader.

Jaarrekening en bestuursverslag

Voor jaarrekeningen die betrekking hebben op het kalenderjaar 2019, zal het coronavirus niet leiden tot een andere verwerking en waardering van activa en passiva. Het coronavirus geeft namelijk geen nadere informatie over de situatie per balansdatum. Dat kan uiteraard anders liggen  wanneer de onderneming belangrijke activiteiten heeft (al dan niet via een deelneming) in gebieden die al in 2019 door het coronavirus zijn getroffen.

Dat betekent dat het coronavirus uitsluitend wordt toegelicht onder de ‘Gebeurtenissen na balansdatum’ in de jaarrekening. Tevens worden in het bestuursverslag de belangrijkste risico’s en onzekerheden met betrekking tot het coronavirus toegelicht.

De snelle ontwikkelingen met betrekking tot het coronavirus leiden continu tot nieuwe inzichten en maatregelen. Dat kan betekenen dat tussen het moment van het opmaken (dateren) van de jaarrekening (en het afgeven van de accountantsverklaring) en het moment waarop de jaarrekening wordt vastgesteld door de algemene vergadering, nieuwe feiten en omstandigheden blijken die aanpassing van de jaarrekening vragen. Dit vereist tijdig en zorgvuldig overleg tussen het management en de accountant. Van belang is dat de jaarrekening een getrouw beeld van vermogen en resultaat blijft geven, inclusief een toelichting op de gebeurtenissen na balansdatum.

Accountantsverklaring

De coronacrisis kan ook consequenties hebben voor de accountantsverklaring. Daarbij maakt het nauwelijks uit of een controle-, beoordelings- of samenstellingsverklaring wordt afgegeven. De meest voorkomende situaties zijn de volgende:

  • wanneer de crisis leidt tot ernstige onzekerheid over de continuïteit, is de accountant verplicht hieraan in de verklaring aandacht te besteden. De accountant verwijst daarbij naar de toelichting op de continuïteitsonzekerheid in de jaarrekening;
  • wanneer sprake is van significante gebeurtenissen na balansdatum (bijvoorbeeld waardeverminderingen van activa als gevolg van de coronacrisis) zal de accountant in een toelichtende paragraaf aandacht besteden aan de situatie;
  • er kan zich ook een situatie voordoen dat de accountant onvoldoende controle-bewijsmateriaal kan verkrijgen. Bijvoorbeeld omdat bepaalde locaties van de klant niet bezocht kunnen worden of buitenlandse accountants die worden ingeschakeld geen informatie kunnen verkrijgen of verstrekken. Dat kan mogelijk leiden tot een niet-goedkeurende controleverklaring omdat de accountant geen oordeel kan geven over de jaarrekening;

De coronacrisis leert ons dat er dagelijks sprake is van (soms majeure) wijzigingen in het beleid van organisaties en de consequenties die dit heeft. Dat heeft ook gevolgen voor de jaarrekening en de rol die de accountant daarbij speelt. Van belang voor het management is om tijdig en continu te overleggen met de accountant om te bereiken dat de jaarrekening – ook met de gevolgen van de coronacrisis – een getrouw beeld geeft van de situatie waarin de onderneming verkeert.

(Bron: Mazars)

Het was waarschijnlijk niet het eerste waar u aan dacht tijdens de diverse persconferenties van premier Rutte, maar door de ontwikkelingen van de afgelopen periode heeft het coronavirus bij veel bedrijven en bij (maatschappelijke) organisaties een effect op de jaarrekening 2019. Als ondernemer/ bestuurder bent u op dit moment natuurlijk primair op de toekomst gericht. U wilt de schade beperken en het zoveel als mogelijk, al dan niet in aangepaste vorm, door laten gaan van de activiteiten. Toch is het van belang om ook stil te staan bij effecten op onder andere de jaarrekening en het bestuursverslag over 2019. Het goede nieuws is dat u het voorwerk hiervoor waarschijnlijk al grotendeels heeft gedaan, tijdens het treffen van de eerste (nood)maatregelen.  

Gebeurtenissen na balansdatum

Allereerst zult u zich misschien afvragen waarom de huidige crisis, met het tweede kwartaal van 2020 al in zicht, nog van belang is voor de jaarverslaggeving 2019. De cijfers over het boekjaar 2019 veranderen toch niet meer? Dat klopt! Maar de verslaggevingsrichtlijnen hechten veel belang aan het inzicht dat de jaarrekening geeft. 

Er zijn daarom regels opgenomen over belangrijke gebeurtenissen na balansdatum. Indien de situatie per balansdatum niet veranderd, maar de gebeurtenis wel belangrijk is voor het inzicht, moet deze worden opgenomen onder de toelichting in de jaarrekening. Omdat veel organisaties momenteel te maken hebben met het noodgedwongen staken van activiteiten en/of relatief grote vraaguitval, zal de pandemie voor veel organisaties kwalificeren als een gebeurtenis na balansdatum.

Impact-analyse 

Gelet op voorgaande is het voor vrijwel alle ondernemingen en organisaties noodzakelijk om een impact-analyse van de gevolgen van het virus op de organisatie en de activiteiten te laten maken. Houd hierbij niet alleen rekening met de impact op de eigen activiteiten, maar ook met de effecten voor belangrijke afnemers, leveranciers en andere stakeholders van uw organisatie. 

Zijn zij nog in staat om hun verplichtingen na te komen? Dit kan mogelijk impact hebben op uw business. Omdat er veel onzekerheid bestaat over de duur van deze crisis en de mate van sociale ‘lockdown’, is het daarom raadzaam om te werken met verschillende scenario’s en daarop gebaseerde liquiditeitsprognoses. 

Bestuursverslag

Een van de onderdelen van het bestuursverslag in de jaarrekening 2019 betreft de toekomstparagraaf. Hier dient een nadere toelichting te worden gegeven op de verwachtingen voor de komende periode. Het is bijna niet voor te stellen dat hier niet op zijn minst gerefereerd zal moeten worden aan de huidige pandemie. De uitkomsten van de impact-analyse vormen een goed vertrekpunt om deze toelichting op te stellen. 

Het is ook een kans om richting de relevante stakeholders te communiceren over de wijze waarop uw organisatie omgaat met de situatie en misschien wel extra activiteiten heeft ontplooid of juist tijdig maatregelen heeft getroffen om de financiële impact te minimaliseren.

Continuïteitsveronderstelling bij opmaken van de jaarrekening

De jaarrekening wordt normaliter opgesteld volgens het “going concern” beginsel. Dit betekent dat bij het opstellen van de jaarrekening ervan uit wordt gegaan dat de onderneming of organisatie haar activiteiten voort kan zetten zonder noodzaak (of intentie) tot het staken van de activiteiten. Het is aan het bestuur om bij het opstellen van de jaarrekening deze inschatting (expliciet) te maken. 

Normaliter zal deze beoordeling bij veel organisaties weinig meer om het lijf hebben dan het actualiseren of opstellen van de (meerjaren)begroting en liquiditeitsprognose voor de komende periode. Bij veel organisaties geldt dit niet bij het opstellen van de jaarrekening 2019. Het is immers duidelijk dat veel bedrijven en organisaties financieel hard worden getroffen door de uitbraak van het coronavirus.  

3 stappen

Samengevat, kunt u de volgende stappen zetten: 

  1. Opstellen impact-analyse (inclusief financiële vertaling naar liquiditeitsprognoses). 
  2. Het met behulp van de impact-analyse onderbouwen van de continuïteitsveronderstelling bij het opstellen van de jaarrekening 2019.
  3. Opnemen van een toelichting over het coronavirus in de jaarrekening en het bestuursverslag 2019.

(Bron: BDO)

Introductie

In 2019 zijn er door de Raad voor de Jaarverslaggeving (RJ) verschillende uitingen opgesteld die van invloed zullen zijn op de toekomstige verslaggeving van Flynth klanten. Om zowel klanten als collega’s van Flynth up to date te houden hebben we hier een kort overzichtsartikel gemaakt met de voorgestelde aanpassingen; in totaal 16 uitingen. We geven hier slechts een beknopt overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen.  Mocht u over deze RJ uitingen nog vragen hebben dan kunt u uiteraard contact opnemen met. De RJ-uitingen zelf zijn te vinden via de volgende link: https://www.rjnet.nl/uitingen/2019.

Kosten groot onderhoud ‘Materiële vaste activa’

In RJ-Uiting 2019-13 wordt uiteengezet dat het voor de verwerking van kosten van groot onderhoud aan materiële vaste activa niet langer is toegestaan om deze kosten direct in de winst-en-verliesrekening te verwerken. De mogelijkheden voor verwerking van kosten van groot onderhoud in de boekwaarde van het actief (componentenbenadering) of via de onderhoudsvoorziening blijven bestaan. De overgang van het direct verwerken in de winst-en-verliesrekening naar één van de twee andere verwerkingswijzen moet worden behandeld als een stelselwijziging. In RJ 212.805 is echter een overgangsbepaling opgenomen die het mogelijk maakt om de stelselwijziging prospectief te verwerken. Daarnaast geldt voor de overgang ‘kosten van groot onderhoud via een voorziening’ naar ‘kosten van groot onderhoud in de boekwaarde van het actief’ eveneens een verlicht overgangsregime; deze stelselwijziging op drie manieren kan worden verwerkt:

1. op retrospectieve wijze overeenkomstig hoofdstuk 140 Stelselwijzigingen;
2. op retrospectieve wijze vanaf voorgaand boekjaar;
3. op retrospectieve wijze vanaf het huidige boekjaar.

Verslaggeving van opbrengsten

Bij het verwerken van opbrengsten heeft de RJ gekeken naar IFRS 15 ‘Revenue from Contracts with Customers’. De RJ heeft geconcludeerd dat het volledig overnemen van de bepalingen van IFRS 15 in de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving niet wenselijk is vanwege de doelgroep in combinatie met de daarmee samenhangende implementatiekosten. De RJ heeft besloten tot het voorstellen van specifieke wijzigingen in de huidige hoofdstukken voor opbrengstverantwoording en deze Richtlijnen aan te vullen met nadere uitleg en voorbeelden. Zo is er een nadere invulling omtrent het identificeren van een ‘prestatieverplichting’.

Lease accounting

RJ-Uiting 2019-3 ligt in het verlengde van IFRS 16 en gaat in op de vraag of er sprake is van een lease overeenkomst. Een overeenkomst bevat een lease indien deze in ruil voor een vergoeding aan de wederpartij (de leverancier) de zeggenschap gedurende de overeengekomen gebruiksperiode over het gebruik van een geïdentificeerd actief aan de rechtspersoon (de afnemer) verleent.  Hiervan is sprake indien aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan: 

a) er is sprake van een geïdentificeerd actief;
b) de afnemer heeft gedurende de gehele gebruiksperiode het recht op vrijwel alle economische voordelen uit het gebruik van het geïdentificeerde actief; en
c) de afnemer heeft gedurende de gehele gebruiksperiode het recht om het gebruik van het geïdentificeerde actief te bepalen.

Tevens is een schema toegevoegd in de RJ-uiting om te bepalen of er sprake is van een lease. Het onderscheid financial en operational lease komt hiermee overigens niet te vervallen bij de RJ (in tegenstelling tot onder IFRS 16).

Overige Onderwerpen

Daarnaast worden er in de totaal 16 uitingen nog meer onderwerpen behandeld. Onderstaand slechts een greep uit de voorgestelde wijzigingen.

  • Voor de classificatie eigen danwel vreemd vermogen is door de RJ uiteengezet dat de classificatie van een financieel instrument als eigen vermogen of als vreemd vermogen in de enkelvoudige jaarrekening kan worden gebaseerd op de juridische vorm of op de economische realiteit van het instrument. De RJ heeft besloten op te nemen dat de aard van het financieel instrument dient te worden toegelicht indien de classificatie is gebaseerd op de juridische vorm en deze vorm afwijkt van de economische realiteit; 
  • Door de RJ is aangegeven dat IFRS 9, 15, 16 & IAS 19 integraal mogen worden toegepast.
  • De RJ zal de nieuwe wetgeving inzake Aandeelhoudersbetrokkenheid incorporeren. De belangrijkste wijzigingen hebben betrekking op (i) bezoldigingsbeleid; (ii) bezoldigingsverslag; en (iii) transacties met verbonden partijen; 
  • Voor zorginstelling geldt dat de verslaggeving moet worden verwerkt conform WTZi en RJ 655 worden gebracht; 
  • In de RJ zijn nieuwe suggesties aangebracht voor een verdere toelichting rondom diversiteitsbeleid in het bestuursverslag;
  • Er is een verdere specificatie rondom het gebruik van vreemde valuta, waarbij onder andere de mogelijkheid voor kleine en middelgrote rechtspersonen om altijd de baten en lasten om te kunnen rekenen tegen de slotkoers per balansdatum komt te vervallen;
  • Voorzieningen mogen gewaardeerd worden tegen nominale waarde of contante waarde van de uitgaven indien er sprake is van een behoorlijke tijdswaarde;
  • Latente belastingvorderingen dienen op een afzonderlijke regel onder de financiële vaste activa en/of onder de vlottende activa (vorderingen) opgenomen te worden;
  • Een toelichting op de relatie tussen de belastinglast- of bate en het resultaat voor belastingen wordt verplicht voor middelgrote en grote rechtspersonen en belangrijke afwijkingen ten opzichte van het effectieve belastingtarief moeten worden toegelicht.

(Bron: Flynth)

Bij een bv kunnen schuldeisers zich niet zomaar verhalen op het privévermogen van een bestuurder. Maar let op: deze bescherming kent wel voorwaarden. Een bv-structuur die de fiscale voordelen maximaal benut én u tegelijkertijd juridisch beschermt is cruciaal.

Ik kan me goed voorstellen dat u als ondernemer denkt: ‘Ik heb een bv, dus is mijn privévermogen veilig. Ik heb het goed geregeld’. Maar wat als dat toch niet het geval blijkt te zijn? Als een klant bij me komt kijk ik met een helicopterview naar de structuur van zijn vennootschappen. Vaak gaat het om een holding met een directeur-grootaandeelhouder en een aantal werkmaatschappijen. Ik bekijk of de onderlinge verhoudingen tussen de vennootschappen goed zijn vastgelegd en gedocumenteerd. Als dat niet het geval is, kan dat – met name in geval van een onverhoopt faillissement – voor problemen zorgen.

Overeenkomsten op papier
Stel: één van uw vennootschappen verhuurt machines of panden of leent geld uit aan u of één van uw andere vennootschappen. Dit zijn rechtshandelingen tussen de vennootschappen onderling of tussen u en één of meer vennootschappen. U bent wettelijk verplicht om al deze rechtshandelingen schriftelijk vast te leggen. Denk bijvoorbeeld aan een managementovereenkomst, een arbeidsovereenkomst, een huurovereenkomst of rekening-courantovereenkomsten. Het komt regelmatig voor dat vennootschappen hun onderlinge verhoudingen zoals rekening-courantverhoudingen of leningen niet hebben vastgelegd in overeenkomsten. In geval van faillissement staat u als ondernemer in de discussie met een curator dan direct met 1-0 achter.

Regelmatige check-up
Niet alleen ontbreken soms overeenkomsten, een bedrijf ontwikkelt zich ook. Voortschrijdend inzicht, nieuwe wetgeving of jurisprudentie leren dat in het verleden gemaakte afspraken soms niet langer in het voordeel van u als ondernemer zijn. Advies is om deze afspraken daarom regelmatig tegen het licht te houden. Een auto moet zodra hij vier jaar oud is ook regelmatig een APK-keuring ondergaan. Zo’n periodieke check-up is voor uw vennootschappen ook heel zinvol. Dit geldt zowel voor een starter als voor door de wol geverfde ondernemers. Deze check kunnen we snel en eenvoudig voor uw vennootschappen uitvoeren en levert vrijwel altijd wat op.

Deponeringsverplichting stichtingen in aantocht

Categories: Nieuws, Nieuws voor het MKB (BV), Nieuws voor het MKB(BV), juridisch, jaarrekening
Reacties uitgeschakeld voor Deponeringsverplichting stichtingen in aantocht

Op 30 juni jl. is de brief van de ministers van Financiën en Veiligheid, waarin ingrijpende wijzigingen in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (wwft) en aanverwante regelgeving staan, bekend gemaakt. Deze wijzigingen kunnen voor stichtingen lastenverzwaring met zich meebrengen.

Verplicht de balans bij het handelsregister deponeren

Stichtingen zijn in het algemeen niet verplicht jaarlijks een financiële verantwoording bij het handelsregister te deponeren, tenzij sprake is van commerciële stichtingen. Een aantal jaren geleden is voorgesteld om hier verandering in te brengen, maar uiteindelijk zijn de veranderingen toen beperkt gebleven tot Algemeen Nut Beogende Instellingen (ANBI’s ). Om voor fiscale faciliteiten in aanmerking te komen dienen ANBI’s aan bepaalde eisen te voldoen, onder andere publicatie van de financiële gegevens.

Het kabinet heeft recent aangekondigd dat alle stichtingen verplicht zullen zijn de balans en de staat van baten en lasten bij het handelsregister te deponeren. De veronderstelling van het kabinet is dat daarmee misbruik van financieel-economische aard kan worden tegen gegaan. Dit voorjaar is al een conceptwetsvoorstel transparantie maatschappelijke organisaties geconsulteerd, waarin een dergelijk voorstel was opgenomen. Het wetsvoorstel wordt na de zomer verwacht.

Ons advies

Wij adviseren not-for-profit organisaties de ontwikkelingen goed te volgen en mede met het oog op de lastenverzwaring die dit voorstel met zich mee kan brengen tijdig richting de politiek te reageren.

(Bron: Mazars)

Raad voor Jaarverslaggeving tegen wijziging waardering materiële vaste activa in IAS 16

Categories: Nieuws, Nieuws voor het MKB (BV), Nieuws voor het MKB(BV), juridisch, jaarrekening
Reacties uitgeschakeld voor Raad voor Jaarverslaggeving tegen wijziging waardering materiële vaste activa in IAS 16

De Raad voor de Jaarverslaggeving heeft de door de IASB voorgestelde wijzigingen in richtlijn IAS 16 met betrekking tot de waardering van materiële vaste activa afgewezen.

De voorgestelde wijziging voorziet in een verbod op het in mindering brengen van inkomsten uit de verkoop van goederen die zijn geproduceerd terwijl de betreffende activa op de locatie en in de conditie wordt gebracht die nodig is om te functioneren, bijvoorbeeld wanneer er getest wordt. In plaats daarvan zouden de inkomsten van de verkoop en de kosten van het produceren ervan in de winst- en verliesrekening moeten worden verantwoord.

Grondige overweging nodig

De raad is niet overtuigd dat de wijziging een oplossing biedt voor bestaande problemen. “Wij vrezen dat er nieuwe problemen door ontstaan.” Ook de Duitse en Engelse tegenhangers van de raad zien niets in de wijziging.
Deloitte heeft ook al laten weten niet achter het voorstel te staan, met een toelichting. “De wijzigingen hebben primair effect op de energie- en de winningsindustrie, waar de constructie van werkmaterieel een langdurig en complex proces kan zijn, waarbij veel kosten kunnen worden toegewezen aan het zodanig voorbereiden van het materieel zodat het actief is zoals oorspronkelijk bedoeld. Een grondige overweging van de problemen die daaruit voortkomen en vergelijkbare problemen in andere sectoren is nodig voordat specifieke regelgeving wordt aangepast. Een aanpassing met zo’n beperkte reikwijdte als de nu voorgestelde wijziging kan dergelijke problemen niet het hoofd bieden en brengt het risico van onbedoelde bijeffecten met zich mee.”

(Bron: Accountancyvanmorgen)

Niet nakomen van publicatieplicht jaarrekening is economisch delict

Categories: Nieuws, Nieuws voor het MKB (BV), Nieuws voor het MKB(BV), juridisch, jaarrekening
Reacties uitgeschakeld voor Niet nakomen van publicatieplicht jaarrekening is economisch delict

De economische kamer van Hof Amsterdam ziet geen meerwaarde in het opleggen van de verplichting tot het alsnog publiceren van de jaarrekening. Vooralsnog is onduidelijk welke gegevens het bedrijf precies moet publiceren.

Bedrijf X is door de economische politierechter van de Rechtbank Noord-Holland veroordeeld wegens het niet openbaar maken van haar jaarrekening over 2012. Zij heeft niet uiterlijk binnen dertien maanden na afloop van het boekjaar 2012 de jaarrekening van dat boekjaar openbaar gemaakt. Hierdoor is derden de kans ontnomen zelfstandig enig inzicht te krijgen in de vermogenspositie van het bedrijf. De straf is een boete van € 900, waarvan € 450 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren met het opleggen van de verplichting om binnen drie maanden na het onherroepelijk worden van het vonnis de cijfers te deponeren ten kantore van het handelsregister. X gaat in hoger beroep.

De economische kamer van Hof Amsterdam ziet geen meerwaarde in het opleggen van de verplichting tot het alsnog publiceren van de jaarrekening. Vooralsnog is onduidelijk welke gegevens X precies moet publiceren. Daarom wordt van het opleggen van de maatregel ingevolge art.8c Wet op de Economische Delicten (WED) afgezien. Aangezien duidelijk is dat X in elk geval aan enige publicatieplicht moet voldoen, wordt ervan uitgegaan dat zij haar verplichting terzake zal nakomen. Het hof acht een deels voorwaardelijke boete passend en geboden.

(Bron: Taxlive)

Nieuwe RJ-uiting omtrent DGA-pensioen van de BV

Categories: Nieuws, Nieuws voor het MKB (BV), Nieuws voor het MKB(BV), juridisch, jaarrekening
Reacties uitgeschakeld voor Nieuwe RJ-uiting omtrent DGA-pensioen van de BV

De Raad voor de Jaarverslaggeving heeft RJ-Uiting 2017-8 gepubliceerd. Die gaat over de Wet uitfasering pensioen in eigen beheer voor DGA’s. “In deze RJ-Uiting zijn de commentaren op RJ-Uiting 2017-3 verwerkt en zijn de voorgestelde wijzigingen in de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving ongewijzigd definitief gemaakt.”

In de uiting 2017-3 ‘Ontwerp-richtlijn Pensioenvoorziening en oudedagsverplichting directeuren-grootaandeelhouder’ heeft de raad wijzigingen voorgesteld en de gevolgen behandeld van de nieuwe wet. In de nieuwe uiting geeft de raad onder meer aan dat het in 2017 afstempelen en omzetten naar een oudedagsverplichting of afkopen een gebeurtenis na balansdatum is die geen nadere informatie geeft over de feitelijke situatie op balansdatum ultimo 2016. “Derhalve wordt deze niet in de jaarrekening 2016 verwerkt. Daarnaast is de RJ er in een commentaar op gewezen dat door gebruik te maken van de toegestane coulanceperiode nog tot uiterlijk 30 juni 2017 fiscaal gefacilieerde opbouw van pensioen in eigen beheer mogelijk is. Dit is in deze RJ-Uiting verwerkt.”

Afstempeling

De RJ is van mening dat afstempeling een vermogensmutatie betreft die betrekking heeft op de financiële relatie van de rechtspersoon met de DGA in diens hoedanigheid van aandeelhouder. “Als gevolg hiervan wordt de vrijval van de pensioenvoorziening vanwege de afstempeling rechtstreeks in het eigen vermogen verwerkt, inclusief het effect op eventuele belastinglatenties.” Het effect van afstempeling wordt verwerkt op het moment dat die onvoorwaardelijk is overeengekomen en als gevolg daarvan feitelijk de contractvoorwaarden van de pensioenovereenkomst zijn gewijzigd.
“Als afstempeling plaatsvindt na balansdatum maar vóór het opmaken van de jaarrekening, is sprake van een gebeurtenis na balansdatum die indien van toepassing conform artikel 2:380a BW in de toelichting moet worden vermeld, onder mededeling van de omvang van de financiële gevolgen.”

Waardering en presentatie

Om administratieve lasten te besparen, heeft de RJ bepaald dat de oudedagsverplichting wordt gewaardeerd tegen de fiscale boekwaarde. Redenen daarvoor zijn dat het verschil tussen de commerciële en de fiscale waardering van een oudedagsverplichting relatief klein is, de omstandigheid dat de omvang van de uitgaven in alle gevallen gelijk zal zijn aan de fiscale waarde en dat de fiscale waarde naar verwachting veelal hoger zal zijn dan de commerciële waarde.
“Voorts heeft de RJ bepaald dat een oudedagsverplichting, gezien het specifieke karakter daarvan, afzonderlijk dient te worden gepresenteerd onder de schulden.” De wijze waarop een oudedagsverplichting wordt aangewend, heeft geen invloed op (de grondslagen voor) de waardering of presentatie van die verplichting.

Afkoop van afgestempelde pensioenaanspraken of een oudedagsverplichting leidt tot een kortlopende schuld aan de Belastingdienst voor de verschuldigde loonheffing en een schuld aan de (voormalige) DGA voor het nettobedrag van de afkoop. “Afhankelijk van hetgeen wordt overeengekomen tussen de rechtspersoon en de DGA, betreft dit een kortlopende dan wel langlopende schuld. Afkoop van afgestempelde aanspraken zal over het algemeen geen effect (meer) hebben op het vermogen en/of resultaat van de rechtspersoon.”

(Bron: Accountancyvanmorgen)