All posts in Kennisbank voor de Zelstandige zonder personeel(ZZP), belastingen, belastingaangifte of belastingaanslag

Belastingplichtigen in de inkomstenbelasting met een wisselend inkomen, kunnen ‘middeling’ aanvragen bij de Belastingdienst.

Middelingsregeling

Middeling is lucratief bij sterk wisselende inkomsten in box 1, bijvoorbeeld bij een variërende winst. Bij middeling wordt de verschuldigde belasting berekend alsof de inkomsten over drie achtereenvolgende jaren gelijkmatig zijn verkregen. Op deze manier is minder belasting verschuldigd, omdat op deze manier de progressie van het belastingtarief gedeeltelijk kan worden ontgaan.

Voorbeeld

Een inkomen in box 1 dat over de periode 2015 t/m 2017 bijvoorbeeld €20.000, €20.000 en €140.000 bedraagt, wordt voor €5.661 zwaarder belast dan wanneer het inkomen over deze jaren iedere keer €60.000 zou hebben bedragen. Het verschil kan via middeling worden teruggekregen, op een drempel van €545 na. In bovenstaand voorbeeld levert middeling dus €5.661 -/- €545, ofwel €5.116 op.

Hebt u een sterk wisselend inkomen uit werk en woning? Dan betaalt u waarschijnlijk meer belasting dan wanneer u dat inkomen gelijkmatig verdeeld over een jaar krijgt. U kunt dan in aanmerking komen voor de middelingsregeling.

Bereken uw gemiddelde inkomen

Met middeling berekent u uw gemiddelde inkomen over 3 aaneengesloten kalenderjaren. Dit is het middelingstijdvak. Vervolgens berekent u hoeveel belasting u per jaar moet betalen. Zijn de nieuwe belastingbedragen lager dan die van de eerdere aanslagen? Dan hebt u mogelijk recht op een teruggaaf.

Voor wie is middeling bedoeld?

Als u aan de voorwaarden voor middeling voldoet, krijgt u in de volgende situaties waarschijnlijk belasting terug:

  • U hebt na uw afstuderen een vaste baan gekregen en u had naast uw studie een bijbaan.
  • U hebt een ontslagvergoeding (‘gouden handdruk’) gekregen.
  • U bent in de afgelopen jaren gestart of gestopt met werken.
  • U werkt als freelancer of als ondernemer.
  • U hebt onbetaald verlof opgenomen (bijvoorbeeld voor een sabbatical).
  • U bent minder gaan werken.

Uw belastingteruggaaf

Om uw belastingteruggaaf te berekenen, hebt u de gegevens nodig van het middelingstijdvak. U gebruikt daarvoor de gegevens van de laatst opgelegde definitieve aanslagen van die jaren. Ook hebt u de tarieven inkomstenbelasting nodig. Weet u niet welk middelingstijdvak voor u het voordeligste is? Maak de berekening op tijd.

Als later blijkt dat uw inkomen uit box 1 niet juist is vastgesteld, kunt u een navordering of vermindering krijgen.

Soms hebt u met bijzondere situaties te maken die de middelingsregeling bemoeilijken. Bijvoorbeeld als u inkomsten hebt uit het buitenland. Neem dan contact op met de BelastingTelefoon.

Let op!

Middeling heeft geen invloed op de hoogte van uw belastbaar inkomen en uw verzamelinkomen van de jaren waarover middeling is aangevraagd. De hoogte van de aanslagen inkomstenbelasting en die van beschikkingen Toeslagen blijven hetzelfde.

Nabetaling inkomsten over een jaar vóór 2001

Hebt u na 2001 een nabetaling gehad van inkomsten over een jaar vóór 2001? Dan kunt u van een speciale regeling gebruikmaken. Deze regeling kan voordeliger voor u zijn dan middeling. Neem voor deze speciale regeling contact op met uw belastingkantoor.

(Bron: Belastingdienst)

Wilt u een aangifte of aanslag betalen maar bent u de acceptgiro kwijt? Of weet u niet meer welk aangifte-, aanslag-, of beschikkingsnummer bij een betalingskenmerk hoort? Met de Zoekhulp betalingskenmerk en aangifte-, aanslag- of beschikkingsnummer kunt u dat achterhalen.

Zoekhulp gebruiken

  • Vul de vragen in.
  • Is iets niet duidelijk, klik dan op het vraagteken voor een toelichting.
  • Als alle vragen zijn ingevuld, klik dan op de toets ‘Geef betalingskenmerk’ of ‘Geef aangifte-, aanslag-, of beschikkingsnummer’.

Bij de hand houden

  • Houd uw aangifte-, aanslag- of beschikkingsnummer bij de hand als u een betalingskenmerk wilt weten. U kunt uw aangiftenummer voor de loonheffingen zelf afleiden als u dit kwijt bent.
  • Houd uw betalingskenmerk bij de hand als u een aangifte-, aanslag-, of beschikkingsnummer wilt weten.

(Bron: belastingdienst.nl)

Ondernemers kunnen hun rekeningnummer voor teruggaven met een digitaal formulier doorgeven aan de Belastingdienst.

Het formulier ‘Wijzigen rekeningnummer ondernemer’ kan worden gebruikt om een rekeningnummer door te geven voor teruggaven:

  • btw
  • loonheffingen
  • motorrijtuigenbelastingen
  • vennootschapsbelasting
  • overige belastignen (eurovignet, verontreinigingsheffing rijkswateren)

Het formulier is niet bedoeld voor:

  • teruggaaf Inkomstenbelasting
  • teruggaaf bijdrage Zorgverzekeringwet (Zvw)
  • toeslagen

Gebruik daarvoor Mijn Belastingdienst of Mijn toeslagen.

 

Waar vindt u het formulier Wijzigen rekeningnummer?

Het formulier ‘Wijzigen rekeningnummer ondernemers’ staat onder ‘Overige formulieren’ op het beveiligde deel van onze internetsite (https://mijn.belastingdienst.nl/ppa/). U logt in met uw gebruikersnaam en wachtwoord.

(Bron: Taxence)

 

Als u het hele jaar een fiscale partner hebt, mag u samen kiezen hoe u de gemeenschappelijke inkomsten en aftrekposten verdeelt. Iedere verdeling mag, als het totaal maar 100% is.

U mag de volgende inkomsten en aftrekposten met uw fiscale partner verdelen:

  • het saldo van de inkomsten en aftrekposten van de eigen woning
  • aftrek vanwege geen of een kleine eigenwoningschuld
  • voordeel uit aanmerkelijk belang
  • de gezamenlijke grondslag sparen en beleggen (box 3)
    In het jaar waarin u bent geëmigreerd of geïmmigreerd en niet voldoet aan 1 van de extra voorwaarden mag u de grondslag niet verdelen.
  • betaalde partneralimentatie en andere onderhoudsverplichtingen
  • uitgaven voor het levensonderhoud van kinderen jonger dan 21 jaar (vervalt in 2015)
  • uitgaven voor specifieke zorgkosten
  • uitgaven voor tijdelijk verblijf thuis van ernstig gehandicapte kinderen, broers of zussen
  • studiekosten en andere scholingsuitgaven
  • onderhoudskosten voor een rijksmonumentenpand
  • giften
  • leningen aan een startende ondernemer (kwijtgescholden durfkapitaal)
  • restant persoonsgebonden aftrek over vorige jaren

(Bron: belastingdienst)

 

Het kan zijn dat u uw ingediende aangifte wilt aanvullen of wijzigen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de aangifte inkomstenbelasting/vennootschapsbelasting, de aangifte omzetbelasting en de aangifte loonheffingen.

Aangifte inkomsten- en vennootschapsbelasting

Een aangifte inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting kunt u aanvullen of wijzigen zolang hiervoor nog geen definitieve aanslag is opgelegd. U past de eerder verstuurde aangifte aan en verstuurt deze opnieuw. Wij nemen deze aangifte dan in behandeling. Hebt u voor de eerder verzonden aangifte al wel een definitieve aanslag gekregen? Dan kunt u een wijziging alleen nog doorgeven door bezwaar te maken. Dit kan met het online bezwaarformulier in het beveiligde gedeelte van onze internetsite. U kunt ook schriftelijk om een navorderingsaanslag vragen als u tot de conclusie bent gekomen dat de aanslag te laag is vastgesteld.

Aangifte omzetbelasting

Een ingediende aangifte omzetbelasting kunt u niet meer wijzigen. Wel kunt u de aangifte corrigeren met het formulier ‘Suppletie omzetbelasting’ als u te veel of te weinig btw hebt betaald. Dit formulier vindt u in het beveiligde gedeelte van de internetsite. Het is uitdrukkelijk niet de bedoeling om digitaal een gewijzigde aangifte over hetzelfde tijdvak in te dienen.

Aangifte loonheffingen

Als u een onjuiste of onvolledige aangifte loonheffingen hebt ingediend, moet u die altijd corrigeren.

(Bron: belastingdienst)

Volgens Hof Den Haag is de inspecteur terecht van de aangifte van X afgeweken omdat niet is voldaan aan de administratieplicht en de bewaarplicht.

X drijft een onderneming in de vorm van een eenmanszaak. X heeft voor de jaren 2005 t/m 2009 niet voldaan aan de administratieplicht en de bewaarplicht zoals opgenomen in de AWR. In hoger beroep is in geschil is of de inspecteur bij het opleggen van de aanslag terecht van de aangifte ib/pvv over het jaar 2009 is afgeweken. Het hof heeft X op de zitting voorgehouden dat hij in zijn bewijsvoering tekortschiet en hem daarbij een termijn van veertien dagen geboden om alsnog aanvullend bewijs te leveren betreffende een aantal kostensoorten. X heeft dat niet gedaan. Volgens Hof Den Haag heeft de inspecteur X ruim voldoende tijd en mogelijkheden geboden om de administratie op orde te brengen maar dit is niet gelukt. Problemen met de administratie voortvloeiend uit een niet functionerende personal computer liggen in de risicosfeer van X en de gevolgen daarvan blijven voor zijn rekening. Nu X ook van de extra mogelijkheid om alsnog aanvullend bewijs te leveren geen gebruik heeft gemaakt is er geen aanleiding om de aanslag te verminderen. Het hoger beroep wordt toch gegrond verklaard omdat de inspecteur heeft toegestemd de in aanmerking te nemen financieringskosten met € 52,30 te verhogen.

(Bron: Taxlive)

Behandelt de Belastingdienst gelijke gevallen niet op een gelijke manier, dan kunt u naar de rechter stappen. Daarbij speelt onder meer de meerderheidsregel een rol. Deze regel kwam onlangs ook aan bod bij het gerechtshof in Den Haag.

De meerderheidsregel houdt in dat als de fiscus weet dat de wet niet correct wordt toegepast bij een meerderheid van gelijke gevallen binnen een regio en daar niet tegen optreedt, u hier een beroep op kunt doen. U moet dan dus aannemelijk maken dat de Belastingdienst in een meerderheid van gelijke gevallen de wet niet correct heeft toegepast.

In vergelijkbare gevallen geen naheffing

In deze zaak ging het om twee directeuren-grootaandeelhouders van een bv die een naheffingsaanslag kregen wegens een te lage bijtelling voor privégebruik van een auto van de zaak. Ze hadden hun eigen bijdrage afgetrokken van de bijtelling, terwijl later bleek dat deze eigen bijdrage eigenlijk een aanbetaling was om de auto later van de leasemaatschappij te kopen. Achteraf bleek dat de fiscus in vergelijkbare gevallen geen naheffingsaanslag had opgelegd. Omdat de inspecteur dit niet kon weerleggen, vernietigde het gerechtshof de naheffingsaanslag. 

(Bron: Fiscalio)

Belasting betalen: iedere ondernemer, of u nou een eenmanszaak start of een besloten vennootschap (BV), krijgt ermee te maken. En die kosten moet u natuurlijk wel kunnen opbrengen. Gelukkig bestaan er diverse fiscale voordelen waar u als ondernemer of ZZP’er bij de belastingaangifte van kunt profiteren. Hieronder zetten wij de voornaamste regelingen voor u op een rij: 6 slimme tips voor de belastingaangifte.

1. Profiteer van de zelfstandigen- en startersaftrek

De zelfstandigen- en startersaftrek zijn misschien wel de bekendste aftrekposten voor (startende) ondernemers. Met de zelfstandigenaftrek kunt u uw belastbaar inkomen verlagen, waardoor u een lager bedrag aan de fiscus verschuldigd bent. Sinds begin dit jaar is de hoogte van dit bedrag niet meer afhankelijk van de winst, maar mag u een vast bedrag van 7.280 euro fiscaal aftrekken. U moet hiervoor wel aan enkele voorwaarden voldoen. Lees er alles over in het artikel 5 vragen en antwoorden over de zelfstandigenaftrek.

De startersaftrek is speciaal in het leven geroepen om startende ondernemers fiscaal gezien een extra steuntje in de rug te geven. Deze aftrekpost moet u zien als een verhoging van de zelfstandigenaftrek. Over 2012 mag u dan nog eens 2.123 euro extra aftrekken van de inkomstenbelasting, mits u aan de gestelde voorwaarden voldoet. Indien u een bedrijf vanuit arbeidsongeschiktheid bent gestart, komt u mogelijk in aanmerking voor de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid.

U heeft wellicht al gehoord van de nieuwe winstbox, waarin in principe vanaf 2015 bepaalde aftrekposten – waaronder de zelfstandigen- en startersaftrek, maar bijvoorbeeld ook de fiscale oudedagreserve – zullen worden samengevoegd. Het urencriterium zal hierdoor komen te vervallen. Meer weten over de nieuwe winstbox? Op Antwoordvoorbedrijven.nl vindt u meer informatie. Let op: de ingangsdatum van deze toekomstige wijziging is nog niet definitief. Voorlopig kunt u nog tot 1 januari 2015 gebruikmaken van de huidige aftrekposten.

2. Bekijk of middelen een optie is

Het terugkrijgen van belasting door spreiding van uw inkomen, ook wel middeling genaamd, kan voordeel opleveren als uw inkomen het afgelopen jaar weinig constant is geweest. Dit komt bijvoorbeeld vaak voor als u vanuit loondienst een bedrijf bent gestart. Toen u nog in vaste dienst was,  waren uw maandelijkse inkomsten vrijwel gelijk, maar als (startende) ondernemer kan uw inkomen per maand een stuk hoger of juist lager zijn. Als u een sterk wisselend inkomen heeft uit werk en woning, moet u waarschijnlijk meer belasting betalen dan wanneer uw inkomen gelijkmatig over een jaar is verdeeld.

Dat is natuurlijk niet zo gunstig wanneer u als starter een financieel gezond bedrijf wilt opbouwen. Om die reden is de middelingsregeling in het leven geroepen, maar middelen is alleen interessant als het recente inkomen voldoende van voorgaande jaren verschilt. U berekent dit als volgt:

  1. Tel de inkomens uit werk en woning van drie aaneengesloten jaren bij elkaar op.
  2. Deel deze uitkomst door drie.
  3. Over het gemiddelde inkomen dat hieruit voortkomt berekent u per jaar opnieuw de verschuldigde belasting.
  4. Vallen de nieuwe berekeningen lager uit dan de oude belastingbedragen? Dan komt u in aanmerking voor een belastingteruggaaf en kan middelen interessant zijn.

3. Komt u in aanmerking voor de meewerkaftrek?

Het komt geregeld voor dat een ondernemer in het bedrijf hulp krijgt van zijn of haar fiscale partner, bijvoorbeeld tijdens het bijwerken van de administratie of het bieden van ondersteuning in uw zaak tijdens de drukke decembermaand. Wanneer u uw partner hiervoor geen vergoeding biedt of kunt bieden, kunt u mogelijk profiteren van de zogenaamde meewerkaftrek. Als deze aftrekpost van toepassing is op uw situatie, hoeft u minder belasting over de winst te betalen.

De specifieke hoogte van deze aftrek is zowel afhankelijk van uw winst als het aantal uren dat uw fiscale partner heeft meegedraaid in uw bedrijf. Houd er rekening mee dat u ook voor deze regeling aan een aantal voorwaarden moet voldoen. Zo is het onder andere van belang dat u voldoet aan het urencriterium. Daarnaast moet u kunnen aantonen dat uw fiscale partner minimaal 525 heeft meegewerkt.

4. Investeer en profiteer van belastingvoordeel

Als startende ondernemer is de kans groot dat u het afgelopen jaar in meer of mindere mate heeft geïnvesteerd in bedrijfsmiddelen voor uw bedrijf. In dat geval kunt u als belastingplichtige mogelijk een deel van het investeringsbedrag van de winst aftrekken. Dit wordt ook wel de investeringsaftrek genoemd. Er zijn diverse vormen waarvoor u in aanmerking kunt komen:

  • Kleinschaligheidsaftrek (KIA) -> Bedoeld voor ondernemers die een bedrag tussen de €2.300,- en €306.931,- investeren in bedrijfsmiddelen voor hun onderneming.
  • Energie-investeringsaftrek (EIA) -> Bedoeld voor ondernemers die voor meer dan €2.300,- aan energie-investeringen doen. In dat geval heeft u recht op een aftrek van 41,5 procent, maar houd er rekening mee dat voor deze investering een maximumbedrag van €118.000.000,- geldt. Sinds januari dit jaar moet u investeringen voor de energie-investeringsaftrek digitaal melden via het Agentschap NL eLoket.
  • Milieu-investeringsaftrek (MIA) -> In 2012 is bij een bedrag aan milieu-investeringen in een kalenderjaar van meer dan €2.300,- de investeringsaftrek vastegesteld op: 36 procent (categorie I), 27 procent (categorie II) en 13,5 procent (categorie III). Ook deze investeringen moet u sinds begin dit jaar digitaal melden bij het Agentschap NL eLoket.
  • Research en Development Aftrek (RDA) -> De RDA-post is ingesteld om het uitvoeren van technologisch speur- en ontwikkelingswerk (S&O) te stimuleren. De RDA is gericht op de S&O-uitgaven van ondernemers die niet zien op arbeid, bijvoorbeeld investeringen in apparatuur en materialen. De RDA wordt als extra aftrekpost in aanmerking genomen bij de fiscale winstbepaling.

5. Bent u een KOR-ondernemer?

Omdat u als startende ondernemer in veel gevallen minder BTW rekent dan grotere organisaties, kan het goed zijn dat u gebruik mag maken van de handige Kleineondernemersregeling, vaak afgekort tot simpelweg KOR. Als u in een jaar 1883 euro of minder aan BTW betaalt, kunt u in aanmerking komen voor belastingvermindering. Het kan zelfs zo zijn dat u helemaal geen BTW verschuldigd bent.

6. Vraag (indien nodig) tijdig uitstel aan

Ziet u aankomen dat u voor de komende periode de belastingaangifte niet op tijd kan voldoen, wacht dan niet te lang af, maar vraag zelf tijdig uitstel aan om eventuele verzuimboetes en hoge aanslagen van de fiscus te voorkomen. Doe dit in ieder geval vóór de deadline 1 april, maar eerder is natuurlijk altijd beter. Uitstel vragen kan zowel digitaal als schriftelijk en telefonisch. Houd er wel rekening mee dat de Belastingdienst niet altijd bereid zal zijn dit uitstel toe te kennen. Er wordt onder andere gekeken naar de laatste drie belastingjaren en of de aangiftes voor die periode wel (en op tijd) zijn gedaan. Klik hier voor meer informatie over het uitstellen van de aangifte inkomstenbelasting.

(Bron: Ikgastarten)

Iedereen in Nederland, of u nou in loondienst werkt of al een tijd als zelfstandig ondernemer door het leven gaat, betaalt belasting. Daar is nu eenmaal weinig aan te doen, maar er zijn gelukkig wel verschillende fiscale voordelen waar u als ZZP’er van kunt profiteren: 5 belastingtips voor ZZP’ers.

1. De zelfstandigenaftrek  

Een oude bekende op het gebied van belastingvoordeel is de zelfstandigenaftrek, waarbij u als zelfstandig ondernemer een vast bedrag (€7.280,-) mag aftrekken, mits u kunt aantonen dat u ondernemer bent, aan het begin van het kalenderjaar nog niet de leeftijd van 65 jaar had bereikt en aan het gestelde urencriterium hebt voldaan. Voorheen was deze aftrek altijd variabel, maar sinds 1 januari 2012 geldt een vaste aftrek van €7.280,-.   Mocht uw winst te laag zijn om de zelfstandigenaftrek geheel toe te passen, kunt u het bedrag aan niet-gerealiseerde zelfstandigenaftrek verrekenen in de volgende negen jaar. Let op: de winst moet in die jaren dan wel hoger zijn dan de zelfstandigenaftrek in die jaren. Lees meer over de nieuwe zelfstandigenaftrek in het artikel De belangrijkste belastingwijzigingen voor 2012.

2. De startersaftrek  

Startende ZZP’ers hebben, afgezien van de zelfstandigenaftrek, in veel gevallen ook recht op de startersaftrek. Om in aanmerking te komen voor deze aanvullende verhoging van de zelfstandigenaftrek moet u wel aan een aantal voorwaarden voldoen: zo moet u in het aangiftejaar recht hebben gehad op de zelfstandigenaftrek, heeft u de afgelopen vijf jaar geen eigen bedrijf gedreven en daarnaast niet meer dan twee keer gebruik gemaakt van de zelfstandigenaftrek.

3. De kleineondernemersregeling (KOR)  

Bent u jaarlijks minder dan €1.883,- kwijt aan BTW? Dan kan het zijn dat u in aanmerking komt voor extra fiscaal voordeel. Indien u gebruik mag maken van de zogenaamde Kleineondernemersregeling (KOR), hoeft u soms zelfs helemaal geen BTW te betalen. Houd er echter wel rekening mee dat hiervoor enkele voorwaarden gelden. Zo moet u kunnen aantonen dat u een natuurlijke persoon of een combinatie van natuurlijke personen bent (bijvoorbeeld een eenmanszaak, maatschap of vof). Daarnaast moet u kunnen opgeven dat u, na aftrek van de voorbelasting, op jaarbasis minder dan €1.883,- aan BTW betaalt en voldoet aan uw administratieve verplichtingen voor de BTW. Lees alles over de KOR in het artikel 5 feiten over de Kleineondernemersregeling.

4. De zorgtoeslag  

Ook als ZZP’er kunt u in principe in aanmerking komen voor de zorgtoeslag. Uiteraard geldt voor een dergelijke toeslag wel dat u jaarlijks (eventueel samen met uw partner) niet meer mag verdienen dan €35.059,- (alleenstaanden) of €51.691,- (samen met uw partner). Wijzigingen in uw inkomen (of dat van uw partner) moet u altijd zo snel mogelijk doorgeven aan de Belastingdienst. Kijk voor meer informatie bij Mijn inkomen verandert.

5. De investeringsaftrek  

Als zelfstandig ondernemer – en misschien wel als starter in het bijzonder – investeert u regelmatig in bedrijfsmiddelen voor uw organisatie. Dat beseft ook de overheid, die hiervoor de zogenaamde investeringsaftrek in het leven heeft geroepen. Er zijn drie aftrekposten, waarvoor in 2012 de volgende voorwaarden zijn vastgesteld:

Kleinschaligheidsaftrek -> Bedoeld voor ondernemers die een bedrag tussen de   €2.300,- en €306.931,- investeren in bedrijfsmiddelen voor hun onderneming   (klik hier voor meer informatie over de kleinschaligheidsaftrek)

Energie-investeringsaftrek -> Bedoeld voor ondernemers die voor meer dan   €2.300,- aan energie-investeringen doen. In dat geval heeft u recht op een   aftrek van 41,5 procent, maar houd er rekening mee dat voor deze investering   een maximumbedrag van €118.000.000,- geldt. Sinds januari dit jaar moet u   investeringen voor de energie-investeringsaftrek digitaal melden via het   Agentschap NL eLoket. (klik hier voor meer informatie over de   Energie-investeringsaftrek)

Milieu-investeringsaftrek -> In 2012 is bij een bedrag aan   milieu-investeringen in een kalenderjaar van meer dan €2.300,- de   investeringsaftrek vastegesteld op: 36 procent (categorie I), 27 procent   (categorie II) en 13,5 procent (categorie III). Ook deze investeringen moet u   sinds begin dit jaar digitaal melden bij het Agentschap NL eLoket. (klik hier   voor meer informatie over de Milieu-investeringsaftrek)

Als ZZP’er zult u in de meeste gevallen te maken krijgen met de Kleinschaligheidsaftrek. Lees meer details over de investeringsaftrek op de website van de Belastingdienst.

(Bron: Ikgastarten)