Bedrijf overnemen of verkopen let goed op formuleringvan de Letter of intent / intentieverklaring

De letter of intent (LOI), ook wel intentieverklaring genoemd, vormt een niet te missen schakel in het verkooptraject van een onderneming. Alhoewel partijen vaak de bedoeling hebben hun intenties vast te leggen en niet meer dan dat, kan de LOI verstrekkende gevolgen hebben. De vraag of sprake is van een intentie of een bindende afspraak tussen partijen is namelijk niet afhankelijk van het ‘kopje’ intentieverklaring of overeenkomst.

 

Schadeplichtig

De vraag of sprake is van een intentie of bindende afspraak wordt namelijk bepaald door de formulering van de bepalingen. Zo klinkt ‘partijen wensen de uitgangspunten voor verdere onderhandelingen vast te leggen‘ een stuk vrijblijvender dan ‘partijen zijn overeengekomen dat”. Hier moet je op bedacht zijn. De gevolgen kunnen groot zijn. Als je bindende afspraken hebt gemaakt en de onderhandelingen afbreekt, dan kan je schadeplichtig zijn. Wanneer je enkel intenties hebt vastgelegd zal dit niet snel het geval zijn. Ter voorkoming van discussies over de vraag of het om een intentie of bindende afspraak gaat, kan er ook voor worden gekozen om in de LOI op te nemen dat geen verplichting tot schadevergoeding ontstaat wanneer de onderhandelingen worden afgebroken.

 

Combinatie van afspraken

Het is overigens ook mogelijk om een combinatie van bindende en niet bindende afspraken vast te leggen in één LOI. Verder kunnen afspraken onder opschortende of ontbindende voorwaarde in de LOI worden opgenomen. In het eerste geval is de afspraak afhankelijk van een nog te vervullen voorwaarde, bijvoorbeeld toestemming van het bestuur of de aandeelhouders. In de tweede situatie vervallen de gemaakte afspraken door het intreden van de voorwaarde. Hierbij valt te denken aan een financieringsvoorbehoud. Door opschortende of ontbindende voorwaarden op te nemen in een LOI, kan dus ook een ‘escape’ worden gecreëerd.

Stel uw btw-afdracht uit door slim te factureren

Door slim uw facturering te plannen, kunt u de afdracht van btw drie maanden uitstellen. De btw op een factuur van 30 juni bestemd voor een ondernemer, moet u namelijk uiterlijk 31 juli al afdragen. Doet u één keer per kwartaal btw-aangifte en factureert u op 1 juli, dan hoeft u de btw pas uiterlijk 31 oktober af te dragen. Een dag later factureren, levert dus drie maanden uitstel van betaling op. Wilt u gebruik maken van deze mogelijkheid, houd dan wel rekening met een aantal zaken.

Eindeloos uitstellen factuur niet mogelijk

Het is niet mogelijk om uw facturering eindeloos uit te stellen. U bent namelijk wettelijk verplicht om uw factuur uit te reiken uiterlijk op de 15e dag van de maand die volgt op de maand van goederenlevering of dienstverlening. Voor in mei verrichte prestaties moet u daarom uiterlijk 15 juni een factuur uitreiken. U kunt deze factuur niet uitstellen tot 1 juli!

Let op! Reikt u geen of te laat een factuur uit, dan stelt u daarmee niet uw btw-afdracht uit. De btw wordt namelijk altijd op de 15e dag van de nieuwe maand verschuldigd. Voor in mei verrichte prestaties moet u daarom de btw afdragen uiterlijk bij u btw-aangifte juni of tweede kwartaal, ook als u in die periode nog geen factuur heeft uitgereikt!

Vooruitbetalingen

U kunt uw btw-afdracht niet uitstellen als u al een vergoeding van uw afnemer ontvangen heeft. Het heeft dan ook geen zin om uw afnemer vooruit te laten betalen in juni en de factuur pas op 1 juli uit te reiken. U moet de btw namelijk afdragen uiterlijk in de periode waarin de vergoeding ontvangen wordt. Btw over in juni ontvangen bedragen moet u dan ook in uw btw-aangifte juni of tweede kwartaal betalen, ook als de factuur pas in juli wordt opgemaakt.

Afwijkende regels bij particuliere afnemer

Is uw afnemer geen ondernemer maar een particulier dan gelden andere regels. U bent namelijk niet verplicht om een factuur aan een particulier uit te reiken. De btw over prestaties die u verricht voor een particulier bent u daarom verschuldigd in de periode waarin u de prestatie heeft verricht. De btw over in juni verrichtte prestaties aan particulieren moet u dan ook afdragen in uw btw-aangifte juni of tweede kwartaal. Dit geldt ook als u toch een factuur uitreikt aan de particulier met een factuurdatum in juli!

Tip: Het zal niet altijd mogelijk zijn om de facturering uit te stellen. Uw afnemer heeft namelijk een tegengesteld belang. De btw op een factuur van 30 juni, zal uw afnemer in de aangifte tweede kwartaal al in aftrek kunnen brengen. Voor de btw op een factuur van 1 juli, zal uw afnemer moeten wachten tot zijn volgende btw-aangifte (juli dan wel derde kwartaal).

(Bron: HLB)

Goed debiteurenbeheer een must

Een goed gestructureerd debiteurenbeleid versterkt de liquide en daarmee financiële positie van je onderneming, het levert dus geld op!

Goed debiteurenbeheer begint met ‘selectie aan de poort’. Wie accepteer je als klant en wie niet? Win informatie in over de potentiële debiteur bij de KvK, via het internet en/of je netwerk. Voorkomen is immers beter dan genezen!

Zorg dat kort na de levering van je product(en) of dienst wordt gefactureerd. Dit leidt tot een snellere betaling. Let er op dat de factuur juist is en alle juiste gegevens bevat, zoals de tenaamstelling, het factuurnummer, datum, BTW nummer en omschrijving. Verwijs op de factuur ook naar de algemene voorwaarden die je gebruikt. Hier zijn meestal de gevolgen voor de debiteur bij niet tijdige betaling in opgenomen.

 

Achterstallige betalingen

De volgende stap in effectief debiteurenbeheer is het tijdig signaleren van achterstallige betalingen en een adequate reactie. Stuur de debiteur (direct) een vriendelijk bericht wanneer de betalingstermijn overschreden is met het verzoek alsnog te betalen. De debiteur raakt er zo mee bekend dat je de termijnen strikt in de gaten houdt.

Mocht ook nu betaling achterwege blijven, stuur dan een aanmaning (sommatie). Bel vervolgens enkele dagen later na en attendeer de debiteur op de factuur. Blijft betaling uit, stuur dan een sommatie waarbij ook een boete of administratiekosten in rekening worden gebracht. Levert dit geen betaling op, geef de vordering dan uit handen en neem geen nieuwe opdrachten aan van de debiteur tot de openstaande facturen betaald zijn.

 

Vastlegging

Zorg voor dossieropbouw. Documenteer alle brieven, mails, telefoongesprekken (inclusief terugbelverzoeken) en toezeggingen. Deze komen van pas als het tot een gerechtelijke procedure komt.

Hanteer een strakke planning en hou je ook aan de termijnen. Al met al zou een goed georganiseerd debiteurenbeheer moeten leiden tot minder afschrijvingen op je debiteuren, toename van de liquiditeit van je onderneming, lagere rentelasten en toename van je winst. De (extra) tijd die je in een adequaat debiteurenbeheer steekt, verdient zich dus terug.

(Bron: Jan)

Het belang van het vastleggen van onderlinge verhoudingen binnen een bv-structuur

Bent u ondernemer in een bv-structuur? Leg dan de onderlinge verhoudingen tussen ondernemer(s) en de vennootschap en tussen de vennootschappen onderling schriftelijk vast. In bijzondere situaties moet u hier nog alerter op zijn. Overeenkomsten legt u dus vast, maar in welke overeenkomsten? En welke bijzondere situaties bedoelen wij dan? Een overzicht.

Drie belangrijke overeenkomsten

Het is belangrijk om afspraken over onderstaande overeenkomsten tijdig vast te leggen. Bent u zich ervan bewust dat het bij deze overeenkomsten gaat over onderwerpen die aan de algemene vergadering moeten worden voorgelegd. Besteed hierbij voldoende aandacht aan mogelijke tegenstrijdige belangen en de juiste juridische vastlegging van het aandeelhoudersbesluit.

Rekening-courantovereenkomst
Tussen verschillende vennootschappen binnen de onderneming vinden vaak over en weer betalingen plaats. Het is dan ook praktisch om de vorderingen met elkaar te verrekenen. Deze rekening-courantverhouding wordt beheerst door een zakelijke rekening-courantovereenkomst. Dit betekent dat u in ieder geval beschikt over een schriftelijke overeenkomst. Denk hierbij ook aan de zakelijke rente en jaarlijkse vereffening om problemen met de Belastingdienst te voorkomen.

Managementovereenkomst
Bestaat de structuur van de onderneming uit meerdere vennootschappen met een holding-bv? Dan kiezen ondernemers vaak voor een periodieke vergoeding van de managementwerkzaamheden van de holding. Ook hier geldt dat u moet beschikken over een zakelijke overeenkomst waarin de afspraken schriftelijk zijn vastgelegd. Hanteer ook een realistische vergoeding. Door een juiste schriftelijke vastlegging van deze overeenkomst vermijdt u arbeidsrechtelijke en fiscale problemen.

Arbeidsovereenkomst voor directeur-grootaandeelhouder
In een arbeidsovereenkomst kunt u afspraken maken over de verhouding tussen ondernemer en vennootschap. Bijvoorbeeld over de hoogte van de beloning van de ondernemer, gebruik van een leaseauto en/of mobiele telefoon. Het is belangrijk om de arbeidsovereenkomst, en met name de beloning, op schrift vast te leggen. Zo kunt u op ieder moment aantonen wat de gemaakte afspraken zijn. Bijvoorbeeld als de Belastingdienst of, bij faillissement, de curator hierom vraagt.

Bijzondere situaties

In bepaalde situaties moet u er nog alerter op zijn om onderlinge overeenkomsten schriftelijk vast te leggen.

Enig aandeelhouder?
Bent u enig aandeelhouder die de vennootschap zelf vertegenwoordigt? Dan geldt het wettelijk schriftelijkheidsvereiste. Laat u bij het opstellen van de overeenkomsten conform de wet adviseren door een specialist. Deze regel geldt overigens ook als een echtgenoot medeaandeelhouder is en de aandeelhouders in gemeenschap van goederen zijn getrouwd.

Faillissement
Een correcte schriftelijke vastlegging van de interne verhoudingen is nóg belangrijker op het moment dat de onderneming in faillissement verkeert en een curator het roer heeft overgenomen. Een curator is niet gehouden aan mondelinge afspraken en kan zelfs betalingen terugvorderen. Leg uw overeenkomsten daarom tijdig op een juiste manier schriftelijk vast! Op het moment dat de vennootschap in faillissement verkeert, is het immers te laat.

Meerdere aandeelhouders
Gaat u een samenwerking aan met derden? Dan is het belangrijk om zowel de overeenkomsten als de afspraken op het niveau van de aandeelhouders schriftelijk vast te leggen. Denk hierbij aan afspraken over arbeidsongeschiktheid of over de vastlegging dat bepaalde besluiten ter goedkeuring aan de algemene vergadering voorgelegd moeten worden.

(Bron: ABAB)

Btw-teruggave bij aankoop vakantiewoning

Ziet u op uw vakantiebestemming een leuke vakantiewoning te koop? Overweegt u serieus de stap te zetten of is de deal al gesloten?

Ziet u op uw vakantiebestemming een leuke vakantiewoning te koop? Overweegt u serieus de stap te zetten of is de deal al gesloten? Let dan op eventuele fiscale voordelen. Als u bij aankoop van een vakantiewoning btw betaalt en u de vakantiewoning ook gaat verhuren, kunt u in sommige gevallen namelijk deze btw (deels) van de Belastingdienst terugkrijgen.

Het is geen vanzelfsprekend dat u de aankoop-btw terugkrijgt van de Belastingdienst. Dit is namelijk afhankelijk van de wijze van gebruik van de vakantiewoning. Alleen als u de vakantiewoning ook (gedeeltelijk) verhuurt, kunt u mogelijk de btw (gedeeltelijk) terugvragen. De verhuur van de vakantiewoning moet dan wel zodanig zijn dat sprake is van exploitatie van een vermogensbestanddeel om er duurzaam opbrengsten uit te verkrijgen. Hiervan is volgens beleid van de Belastingdienst in ieder geval sprake als de vakantiewoning voor minimaal 140 dagen per jaar wordt verhuurd.

Tip! Verhuurt u de vakantiewoning voor minder dan 140 dagen per jaar dan kan nog steeds sprake zijn van exploitatie van een vermogensbestanddeel om er duurzaam opbrengsten uit te verkrijgen. Neem voor overleg over uw persoonlijke situatie contact op met één van onze adviseurs.

Hoeveel btw u uiteindelijk kunt terugvragen is afhankelijk van uw eigen gebruik.

Voorbeeld
U koopt in 2017 een vakantiewoning voor € 121.000 (inclusief btw). De vakantiewoning wordt in 2017 voor 70% verhuurd en voor 30% door u zelf gebruikt. Van de aankoop-btw bij aankoop (€ 21.000) kunt u in 2017 € 14.700 (70%) terugvragen bij de Belastingdienst.

Let op! Meld u eerst aan bij de Belastingdienst als ondernemer voor de btw, anders kunt u de btw niet terugvragen. Inschrijven als ondernemer bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel is niet nodig.

Als u ondernemer bent voor de verhuur van de vakantiewoning, kunt u de aankoop-btw (deels terugvragen), maar dient u ook 6% btw over de huur te berekenen en af te dragen aan de Belastingdienst.

(Bron: Foederer)

Personeel overnemen bij bedrijfsovername

Als u een bedrijf overneemt, moet u ook alle werknemers overnemen. U mag niets veranderen aan hun rechten en plichten. En u moet bij de Belastingdienst melden dat u personeel overneemt.

U moet het personeel overnemen

Het overnemen van personeel bij bedrijfsovername is geen keuze. Dit moet van de wet. Het personeel houdt al zijn rechten en plichten. Dit geldt voor zowel de primaire als de secundaire arbeidsvoorwaarden. U mag dus geen personeel ontslaan. En u mag ook niets wijzigen in hun arbeidsovereenkomsten of in de bestaande cao.

De vorige eigenaar is nog 1 jaar medeverantwoordelijk voor het naleven van de arbeidsovereenkomst.

Uitzonderingen bij personeel overnemen

Neemt u een bedrijf over dat failliet is gegaan? Veranderen de werkzaamheden van het bedrijf ingrijpend? Of gaat het om een aandelenoverdracht? Dan bepaalt u zelf of en welke personeelsleden u overneemt.

Voor zieke werknemers gelden geen uitzonderingen

Ook ziek personeel moet u overnemen. Inclusief alle verplichtingen. Dat betekent dat:

  • u hun loon moet doorbetalen tijdens de ziekteperiode.
  • u het risico op loonsancties overneemt van de vorige werkgever. Bij een loonsanctie moet u het loon bij ziekte langer doorbetalen. UWV legt een loonsanctie op als een werkgever zijn re-integratieverplichtingen uit de Wet verbetering poortwachter niet nakomt.
  • U eigenrisicodrager wordt voor de WGA en de Ziektewet als de vorige werkgever dat ook was. Dit betekent dat u de uitkeringen en de kosten van de re-integratie zelf moet betalen.

Personeel dat niet mee wil, neemt ontslag

Laat een werknemer die niet mee wil een schriftelijke verklaring bij u indienen. Hieruit moet blijken dat hij er zelf voor kiest het contract te beëindigen. Dit betekent het einde van het dienstverband, zonder recht op WW.

Breng het personeel onder in uw pensioenregeling

In principe moet u ook de pensioenregeling van de vorige werkgever overnemen. Maar dit hoeft niet als:

  • u een eigen pensioenregeling heeft. U kunt uw nieuwe werknemers hier dan in onderbrengen.
  • uw bedrijf verplicht deelneemt aan een bedrijfstakpensioenfonds. Uw nieuwe werknemers moeten hier dan ook aan deelnemen.
  • er in een CAO of regeling andere afspraken staan over de pensioenregeling.

Uw nieuwe werknemers blijven natuurlijk recht houden op hun opgebouwde pensioen. Ga wel na of de vorige werkgever de premies voor alle opgebouwde pensioenrechten heeft betaald. Als dit niet zo is, bent u hiervoor aansprakelijk.

Meld de overname bij de Belastingdienst

U moet de Belastingdienst laten weten dat u personeel overneemt. Vul hiervoor het formulier Melding Loonheffingen Overdracht van activiteiten in.

Wordt u door de overname voor de eerste keer werkgever? Dan moet u dit ook melden bij de Belastingdienst.

Let op de privacy van de werknemers

Hield de vorige eigenaar personeelsdossiers bij? Dan draagt hij deze over aan u. Denk wel aan de privacyregels. Deze gaan bijvoorbeeld over het belang en de nauwkeurigheid van de gegevens. Ook moeten de werknemers op de hoogte zijn van wat er in het personeelsdossier staat.

(Bron: Ministerie van Sociale zaken en werkgelegenheid)

Bestuurder af, maar toch nog aansprakelijk door niet tijdig uitschrijven Kamer van Koophandel

Een onjuiste gang van zaken rondom het wisselen van de statutair bestuurder kan vervelende consequenties hebben. Als het aftreden van een bestuurder te laat wordt ingeschreven in het handelsregister, dan staat de (ex-)bestuurder bij aansprakelijkheidsclaims met 0-1 achter.

Betalingsonmacht Hof Amsterdam oordeelde onlangs over de aansprakelijkstelling van een gewezen bestuurder van een B.V. De ontvanger stelde hem aansprakelijk voor aanslagen loonheffingen van de besloten vennootschap, waarvan hij indirect (via een stichting) bestuurder was. Aangezien niet tijdig melding was gedaan van betalingsonmacht, stelde de fiscus de bestuurder aansprakelijk.

De man beriep zich erop dat hij met ingang van 1 juli 2013 zijn functie had. Zijn aftreden was echter pas op 29 oktober 2013 in het handelsregister ingeschreven. Handelsregister Het hof constateert dat het op de weg van de Belastingdienst ligt om aannemelijk te maken wie de statutair bestuurder is aan wie het niet betalen van die belasting te wijten is. Ten tijde van de aansprakelijkstelling door de ontvanger (vóór 29 oktober 2013) stond de man nog als bestuurder ingeschreven, wat de Belastingdienst door middel van een uittreksel kon aantonen.

Net als de rechtbank is het hof van oordeel dat de Belastingdienst mocht afgaan op het handelsregister ten tijde van de aansprakelijkstelling. Onder deze omstandigheden diende de aansprakelijkgestelde (ex-)bestuurder te bewijzen dat hij eerder dan 29 oktober 2013 was afgetreden als bestuurder. In dat bewijs slaagde hij niet. Formaliteiten Mogelijk was de aansprakelijkgestelde ook geen brandschone man, want uit de uitspraak blijkt dat de opvolgend bestuurder een katvanger was.

Dat neemt niet weg dat de uitspraak een goede aanleiding is om de formaliteiten rondom bestuurderswisseling in herinnering te brengen. Terugwerkende kracht In het ondernemingsrecht is soms terugwerkende kracht mogelijk. Bij het benoemen en bij het aftreden van statutair bestuurders is dat echter niet mogelijk. Dat komt omdat er een formele handeling voor nodig is. Bij het benoemen van een bestuurder komt die formele handeling van het bevoegde orgaan van de rechtspersoon. Bij een besloten vennootschap (bv) is dat de algemene vergadering.

Voor het vertrek van de bestuurder is een handeling van de bestuurder (het nemen van ontslag) of een handeling van het bevoegde orgaan nodig en is pas op dat moment (of op een later tijdstip) sprake van aftreden. Als we dit toepassen op een bv werkt het als volgt: De algemene vergadering van de bv beslist over de benoeming, dat betekent dat de benoeming op zijn vroegst kan ingaan op de datum dat de vergadering het besluit neemt. Een latere ingangsdatum is ook mogelijk, maar dat moet dan wel tijdens de vergadering aan de orde zijn geweest. Het is aan te bevelen de ingangsdatum duidelijk in de notulen of het aandeelhoudersbesluit vast te leggen. Vertrek van een statutair bestuurder is in het algemeen gebaseerd op een besluit van de algemene vergadering dan wel de opzegging door de bestuurder. Zo’n vertrek kan nooit liggen op de een datum vóór het tijdstip van het nemen van het besluit (door algemene vergadering) of de opzegging (door de bestuurder). Aanbeveling Leg in de notulen van de algemene vergadering van aandeelhouders goed vast per wanneer en wie wordt aangesteld als bestuurder. Hetzelfde geldt voor het beëindigen van de aanstelling als bestuurder. Let op dat dit een document is gedateerd op de datum van ondertekening, welke datum bij voorkeur samenvalt met de datum waarop het besluit is genomen.

Tijdige inschrijving Verder dient er op te worden gelet dat benoeming of ontslag van bestuurders tijdig bij het handelsregister wordt ingeschreven. De Handelsregisterwet 2007 schrijft voor dat wordt ingeschreven uiterlijk een week na het feit. Dat houdt in: de datum dat een persoon bestuurder is geworden, respectievelijk de datum dat iemand niet langer bestuurder is. Een latere inschrijving wordt wel geaccepteerd door het handelsregister, maar kan vervelende aansprakelijkheidsconsequenties hebben. Dat komt omdat de algemene regel is dat iedereen mag afgaan op wat er op een bepaald tijdstip in het handelsregister is ingeschreven. Een late uitschrijving van een statutair bestuurder kan ongeloofwaardig zijn, zoals in de besproken uitspraak het geval was. Tip Schrijf tijdig een wijziging in het bestuur van een rechtspersoon bij in het handelsregister. Hiermee voorkomt u dat de verkeerde persoon aansprakelijk kan worden gesteld door de fiscus.

(Bron: Pellicaan)

Leaseauto uitsluitend zakelijk gebruiken? Voorkom dubbele bijtelling met speciale ‘Vakantieauto’

Sommige leasemaatschappijen bieden als optie om te kiezen voor een vakantieauto. Hoe gaat dat in zijn werk en wat betekent dat voor de bijtelling? Voorkom dubbele bijtelling!

Vakantieauto?

De vakantieauto komt er in grote lijnen op neer dat u een bepaalde periode van het jaar uw leaseauto tijdelijk kunt omwisselen voor een andere. Bijvoorbeeld omdat u standaard prima met een wat kleinere auto uit de voeten kunt, maar in de vakantie wel wat ruimer wilt zitten. De extra kosten van deze optie worden verdisconteerd in een maandelijks hogere leaseprijs.

Bijtelling?

De fiscale bijtelling voor privégebruik wordt in beginsel berekend op basis van het aantal maanden dat een auto van de zaak ter beschikking staat. Beschikt u bijvoorbeeld 11 maanden van het jaar over een auto van € 30.000 en één maand over een auto van € 40.000, dan is de bijtelling 11/12 x €30.000 + 1/12 x €40.000 x het percentage aan bijtelling.

Let op! U moet hard kunnen maken dat de auto in de ene maand niet ter beschikking staat. Neem dus geen risico en lever de sleutels en papieren in bij de leasemaatschappij. Leasemaatschappijen stellen dit vaak ook als voorwaarde, zodat ze de auto tijdens uw vakantie een onderhoudsbeurt kunnen geven.

Let op! Als u de auto van de zaak niet meer dan 500 km per jaar privé gebruikt, ontgaat u de bijtelling. Dit lukt dus niet als u tijdens de vakantie de auto wel privé gebruikt. Er wordt namelijk gekeken naar de privékilometers van beide auto’s samen.

Tip: Huur in dat geval in privé een auto voor uw vakantie. Dit is veel goedkoper dan wat u kwijt bent aan bijtelling.

Auto blijft ter beschikking

Blijft uw auto tijdens uw vakantie ter beschikking staan en krijgt u voor uw vakantiekilometers een extra auto, dan geldt in principe de bijtelling voor uw standaard auto het hele jaar en voor de extra auto alleen tijdens de vakantieperiode. De inspecteur heeft echter de mogelijkheid hiervan af te wijken als de waarde van uw privégebruik meer is dan het bedrag van de bijtelling. Gebruikt u bijvoorbeeld de vakantieauto in de vakantie 3.000 km privé, dan zal de inspecteur waarschijnlijk niet akkoord gaan met slechts een extra bijtelling van € 40.000 x 1/12 x 22% = € 733 en het werkelijke voordeel tot het loon rekenen.

(Bron: HLB)

Het levenstestament; behoud de regie over uw vermogen

De afgelopen weken valt geregeld te lezen over de discussie rondom het zelf wel of niet beslissen over een medische behandeling, de wils(on)bekwaamheid. Stel u bent door ziekte of een ongeval niet meer in staat om zelf uw zaken te regelen. Wie regelt dan uw vermogen? Wat gebeurt er met uw onderneming? Of wie bespreekt met de arts uw behandelplan?

In een levenstestament kunt u iemand aanwijzen die uw belangen behartigt. U wordt hiermee in juridische zin wilsonbekwaam, maar u houdt op deze manier zelf de regie in handen. Dat is dan ook het verschil met een gewoon testament, daarin regelt u wat er met uw bezittingen moet gebeuren na uw overlijden.

Toegevoegde waarde notariële akte

Een levenstestament is vormvrij. Maar in de praktijk is het levenstestament vaak een notariële akte. De toegevoegde waarde van een notariële akte is de bewijskracht. Een ander voordeel is dat een notarieel levenstestament kan worden geregistreerd.

De belangrijkste onderdelen van het levenstestament

De belangrijkste onderdelen van het levenstestament zijn uw wensen, geboden en verboden. Dit kunnen wensen zijn ten aanzien van uw vermogen, bedrijf, lijf en leven. Denkt u daarbij aan bijvoorbeeld:

  • het doen van betalingen;
  • de verkoop van uw woning;
  • het beheer van uw vermogen;
  • het doen van schenkingen;
  • het bestuur van uw onderneming;
  • of het bespreken van een behandelplan met een arts.

In een levenstestament neemt men doorgaans ook volmachten op. Bijvoorbeeld een algemene volmacht voor alle rechtshandelingen, maar ook specifieke volmachten voor de bankzaken of een volmacht met wensen ten aanzien van uw bedrijf.

In een medische paragraaf wijst u één of meer medisch gevolmachtigde(n) aan of wordt uw wens van een behandelverbod of euthanasie opgenomen.

Toezichthouder van belang

Van groot belang is ook de benoeming van een toezichthouder en/of de opname van een rekening- en verantwoordingsplicht voor degene die tot levensexecuteur (gevolmachtigde) wordt benoemd. Hoewel degenen die benoemd worden vaak vertrouwenspersonen zijn van degene die het levenstestament opstelt, kan controle geen kwaad. Financieel (ouderen)misbruik is helaas aan de orde van de dag.

Is niets doen een optie?

Als u niets regelt en u wordt wilsonbekwaam dan kent de wet een aantal andere maatregelen: bewind, mentorschap en curatele. Bij bewind wordt het vermogen van de rechthebbende beschermd, het mentorschap ziet op de medische (zorg)beslissingen en curatele is een combinatie van beiden waarbij in het laatste geval de betrokkene ook handelingsonbekwaam wordt. Het is dan voor u niet meer mogelijk om een levenstestament op te stellen. U hebt de regie uit handen gegeven.

(Bron: GT)

Waardeer de vordering op uw bv tijdig af

Heeft u als dga een lening aan uw bv verstrekt en is het nog maar de vraag is of u uw euro’s ooit terugziet? Waardeer de lening dan tijdig af. Wanneer doet u dit en wat levert het op?

Belast in box 1

Ziet een bank het niet zitten om uw bedrijf mede te financieren, dan kunt u als dga ook zelf een lening aan uw bv verstrekken. De opbrengsten zijn belast in box 1 en niet in box 3. Progressief dus. U heeft wel recht op een vrijstelling van 12% van de renteopbrengst.

Afwaarderen

Gaat het slecht met uw bedrijf, dan kunt u de lening afwaarderen. Het verlies op uw lening komt dan ook terecht in box 1 en valt bijvoorbeeld weg tegen uw salaris uit de bv.

Let op! U hoeft niet te wachten totdat duidelijk is dat de lening niet kan worden terugbetaald. Op het moment dat dit waarschijnlijk is, kunt u de lening al (deels) afwaarderen.

Opwaarderen

Gaat het toch weer beter met uw bv, dan moet u de lening natuurlijk ook weer opwaarderen. Deze waardestijging is ook progressief belast.

Let op! Bij op- en afwaarderen van de lening geldt eveneens de vrijstelling van 12%. Dit deel van de op- en afwaardering is dus onbelast c.q. leidt niet tot aftrek.

Verkopen van de lening

Als u de lening tijdig verkoopt binnen de familie, blijft een eventuele waardestijging onbelast. U mag echter niet verkopen aan uw partner, zijn of haar minderjarige kinderen of de minderjarige kinderen van uzelf. Doet u dit toch, dan is de waardeaangroei belast. Verkopen aan kleinkinderen, meerderjarige kinderen of bijvoorbeeld een broer of zus kan dus wel onbelast.

Niet wachten

U kunt niet wachten met verkopen totdat duidelijk is dat de lening toch zal worden terugbetaald. De verkoop van de lening zal dus een risico met zich brengen.

(Bron: Foederer.nl)