Verklaring zakelijk gebruik bestelauto

Per 1 januari 2012 wordt voor bestelauto’s de ‘verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto’ ingevoerd. Een ondernemer, een particulier met resultaat uit overige werkzaamheden of een werknemer kan daarmee verklaren, dat hij met de bestelauto van de zaak geen enkele kilometer privé rijdt. Zo kan  een ondernemer de bijtelling/onttrekking voor privégebruik vermijden en hoeft hij geen rittenadministratie bij te houden. (Ambitions.nu: het is wellicht te overwegen om toch een kilometeradministratie bij te houden in verband met bewijstlast bij een discussie over privé of zakelijke kilometers met de belastingdienst)

De verklaring kan voor een ondernemer uitsluitend worden afgeven via een door de Belastingdienst beschikbaar gesteld formulier. Werknemers, kunnen de verklaring insturen via hun werkgever. Het hiervoor noodzakelijke formulier, en een toelichting van de regeling, zijn naar verwachting eind 2011 beschikbaar via de website van de Belastingdienst. Verklaringen of aanvragen met zelfgemaakte formulieren stelt de belastingdienst niet echt op prijs.
(Bron: belastingdienst 9-12-2011)

Inspecteur legt te lage ambsthalve aanslag op na indienen aangifte, inspecteur kan niet navorderen

In het onderhavige geval heeft belastingplichtige aangifte gedaan. De inspecteur heeft deze aangifte niet gevolgd maar een ambtshalve aanslag opgelegd tegen een veel lager bedrag. Het kon echter de belastingplichtige niet redelijkerwijs kenbaar zijn dat de aanslag te laag was. De inspecteur kon derhalve niet navorderen.

Voor de goede orde hieronder de letterlijke wettekst van Artikel 16 lid 2c AWR: Navordering kan mede plaatsvinden in alle gevallen waarin te weinig belasting is geheven, doordat: ten gevolge van een fout een aanslag ten onrechte achterwege is gelaten of ten gevolge van een fout een belastingaanslag tot een te laag bedrag is vastgesteld, hetgeen de belastingplichtige redelijkerwijs kenbaar is, waarvan in elk geval sprake is indien de te weinig geheven belasting ten minste 30 percent van de ingevolge de belastingwet verschuldigde belasting bedraagt.

ZZP kan alleen kilometers in aftrek brengen die hij zelf rijdt

Een zzp’er claimt ook voor de dagen dat hij meerijdt met een ander aftrek van autokosten. Hij werkt samen met de ander in opdracht van enkele (hoofd)aannemers.

De ene week rijdt hij zelf en de andere week rijdt de ander naar de werkplaats. De ZZP’er kan alleen de daadwerkelijk gereden kilometers aftrekken. De carpoolregeling is niet van toepassing.

(Bron: Hof Den Bosch 2-9-2011)

Aftrek monumentenwoning met ingang van 2012 beperkt

Per 1 januari 2012 wordt de aftrek beperkt voor monumentenpanden die als eigen woning worden gebruikt. Van de onderhoudskosten is volgend jaar nog slechts 80% aftrekbaar, en de aftrek van eigenaarslasten en afschrijving vervalt in het geheel. Onderhoudskosten waarvoor subsidie wordt verstrekt kunnen niet in aftrek worden gebracht. De beperking van de aftrek van onderhoudsmonumenten geldt zowel voor monumenten die als eigen woning kwalificeren als voor monumenten in box 3.

De drempels voor aftrek van deze persoonsgebonden aftrekpost komen te vervallen. Voor 2012 en 2013 geldt een overgangsregeling: als u voor 1 januari 2012 onherroepelijke verplichtingen aangaat voor onderhoud van uw monumentenwoning en die kosten in 2012 of 2013 betaald, zijn die kosten volledig aftrekbaar.

Getrouwd onder huwelijkse voorwaarden, kijk uw verrekenbeding na.

In de praktijk wil het nog wel eens gebeuren dat mensen onder huwelijkse voorwaarden getrouwd zijn met een verrekenbeding. Er zijn verschillende verrekenbedingen. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat er jaarlijks verrekend moet worden. Dit is een periodiek of Amsterdams verrekenbeding.

Het is verstandig om dan te zorgen dat u ook daadwerkelijk jaarlijks de onderlinge schulden en vorderingen vaststelt. Ook al als er mogelijkheden zijn opgenomen om niet te verrekenen of verrekenen te laten verjaren kan dit fiscaal en ook financieel ongunstig voor u uitpakken. Heeft u de laatste jaren of lange tijd niet verrekend laat dan uw situatie bekijken door een specialist.

Wetswijzigingen 1 januari 2012

Per 1 januari 2012 krijgt u als ondernemer te maken met een aantal nieuwe en gewijzigde regels. Op deze pagina vindt u een selectie van deze regels. Het overzicht wordt tot het eind van het jaar uitgebreid.

Let op: Inwerkingtreding op 1 januari 2012 is afhankelijk van goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer of afkondiging van de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) of ministeriële regeling en publicatie in het Staatsblad of de Staatscourant.

Belastingen
Fiscale regelingen en subsidies
Personeel en beroepseisen
Bedragen en premies
Bedrijf starten
Bedrijfsvoering en verkoop
Bedrijfshuisvesting
Organisaties

Belastingen

Vaker verplicht wijzigingen doorgeven aan Belastingdienst
Digitaal aangifte doen bij Belastingdienst wordt verplicht
Mededeling loonheffingen aangifte doen en betalen gaat vervallen
Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto vervangt rittenregistratie
Afvalstoffenbelasting wordt afgeschaft
Grondwaterbelasting wordt afgeschaft
Eigenaar pand wordt belastingplichtig voor afvalstoffenheffing
Lidstaten EU helpen elkaar bij invordering belastingschulden

Fiscale regelingen en subsidies

Levensloopregeling wordt afgeschaft
Zelfstandigenaftrek wordt vaste basisaftrek
Nieuwe fiscale aftrek investeringen in R&D (RDA)
Fiscale aftrekbaarheid pensioenpremies zzp’ers wordt verlengd
Maximumbedrag fiscale oudedagsreserve wordt verlaagd
Giftenaftrek in de vennootschapsbelasting wordt verruimd
Einde kleinebanenregeling (premievrijstelling jonge werknemers)
Einde tijdelijke regeling versnelde afschrijving
Einde tijdelijke verruiming achterwaartse verliesverrekening in de vennootschapsbelasting
Loonkostensubsidie uitkeringsgerechtigden wordt afgeschaft
Innovatiefonds MKB+ voor financiering kansrijke innovaties
Vergoeding voor verlenen rechtsbijstand wordt verlaagd
Einde Prepare2start

Personeel en beroepseisen

Regels vakantie en verlof werknemers wijzigen
Digitale aanvraag VOG particulieren wordt mogelijk
Zwangerschapsverklaring bij aanvraag zwangerschapsuitkering vervalt
Landelijk diplomaregister in ontwikkeling
2e deel beleidsregels arbeidsomstandigheden wordt afgeschaft
Herregistratie BIG-register voor meer beroepsoefenaren in de zorg
Rol advocaat bij internationale kinderontvoering

(Bron: Antwoord voor bedrijven 24-11-2011)

Vrijstellingen schenkbelasting 2011

Bij het krijgen van een erfenis of schenking, is de kans groot dat er erf- of schenkbelasting moet worden betaald. Maar alleen als het bedrag van de erfenis of schenking hoger is dan de vrijstelling. Een overzicht van de tarieven van vrijstellingen voor erf- en schenkbelasting voor 2011.

De eerste getallen gelden voor 2011. De getallen tussen de haakjes zijn de vrijstellingen van 2010.


Vrijstellingen erfbelasting 2011

Echtgenoten/partners   (onder voorwaarden) EUR   603.600 (EUR 600.000)
Kinderen   en kleinkinderen EUR   19.114 (EUR 19.000)
Kinderen,   die grotendeels worden onderhouden door de erflater en door ziekte of   gebreken (invaliditeit) niet in staat zijn de eerst komende drie jaar 50% van   een “normaal loon” zelf te verwerven EUR   57.342 (EUR 57.000)
Ouders EUR   45.270 (EUR 45.000)
Algemeen   Nut Beogende Instellingen (ANBI’s) Geheel   vrijgesteld, indien en voor zover aan de verkrijging niet een opdracht is   verbonden die aan de verkrijging het karakter ontneemt van te zijn geschied   in het algemeen belang.
Sociaal   Belang Behartigende Instellingen (SBBI’s) Geheel   vrijgesteld, indien en voor zover aan de verkrijging niet een opdracht is   verbonden die aan de verkrijging het karakter ontneemt van te zijn geschied   in het sociaal belang.
Alle   andere gevallen EUR   2.012 (EUR 2.000)

 

Vrijstellingen schenkbelasting 2011

Schenkingen   door ouders aan kinderen Per   kalenderjaar: EUR 5.030 (EUR 5.000)Eenmalig:   EUR 24.144 (EUR 24.000) voor kinderen tussen 18 en 35 jaar, mits in de   aangifte op de vrijstelling een beroep wordt gedaan. Indien het bedrag wordt   geschonken ter zake van een eigen woning of voor het betalen van de kosten   van een studie of opleiding voor een beroep van minimaal EUR 20.000 per jaar,   wordt de vrijstelling onder voorwaarden eenmalig verhoogd tot EUR 50.300 (EUR   50.000).
Algemeen   Nut Beogende Instellingen (ANBI’s) Geheel   vrijgesteld, indien en voor zover aan de verkrijging niet een opdracht is   verbonden die aan de verkrijging het karakter ontneemt van te zijn geschied   in het algemeen belang
Sociaal   Belang Behartigende Instellingen (SBBI’s) Geheel   vrijgesteld, indien en voor zover aan de verkrijging niet een opdracht is   verbonden die aan de verkrijging het karakter ontneemt van te zijn geschied   in het sociaal belang.
Alle   andere gevallen EUR   2.012 (EUR 2.000)

 

Tarief erfbelasting en schenkbelasting 2011

Belaste   verkrijging tussen en I.   Partner* en kinderen II. Kleinkinderen III.   Andere verkrijgers
(1) (2) a b a b a b

0

118.708

0

    10%

           0

18%

0

30%

118.708

en hoger

11.870

20%

21.367

36%

35.612

40%

 

a          Belasting over het in kolom (1) genoemde bedrag.

b          Heffingspercentage over het gedeelte van de (belaste) verkrijging, dat ligt tussen de bedragen van kolom (1) en kolom (2).

*          Voor de kwalificatie als partner gelden voorwaarden.

(Bron: Elsevierfiscaal.nl 19-11-2011)

Urencriterium wordt waarschijnlijk omzetcriterium of winstcriterium

De Tweede Kamer heeft donderdag een motie van GroenLinks om het urencriterium te schrappen aangenomen. Het urencriterium bepaalt dat deeltijdondernemers pas recht hebben op belastingkorting als ze minimaal 1225 uur in hun onderneming hebben gestoken. GroenLinks wil dat dit urencriterium wordt vervangen in een omzetcriterium met een glijdende schaal. Als ondernemers 10.000 euro of meer omzet hebben behaald krijgen zij volledige zelfstandigenaftrek; als ze maar 5000 euro binnenhalen, hebben ze recht op de halve zelfstandigenaftrek. Kamerlid Bruno Braakhuis van GroenLinks: ‘Ik ben blij dat het kabinet een stap heeft gezet op weg naar het afschaffen van het urencriterium. Ik wil mensen in deze crisis stimuleren aan het werk te komen en risico’s te nemen als ondernemer. Dus moeten we ze niet korten, maar ondersteunen.
ZZP Nederland reageert verheugd dat de motie over het schrappen van het urencriterium is aangenomen. ‘Dat is goed nieuws voor ZZP’ers die het urencriterium van 1225 uren per jaar niet halen. Het urencriterium in een glijdende schaal veranderen was jarenlang een strijdpunt voor Stichting ZZP Nederland.
(Bron PleinPlus 19-11-2011)

Wat is de overheid van plan met de kinderopvangtoeslag?

De kinderopvangtoeslag wordt vanaf 2012 gekoppeld aan het aantal uren dat de ouders of verzorgers van het kind werken. Het aanvragen van kinderopvangtoeslag met terugwerkende kracht wordt beperkt. Er wordt ook scherper gecontroleerd op fraude en oneigenlijk gebruik van kinderopvangtoeslag. Daarnaast is er nog een aantal wijzigingen.

Deze wijzigingen worden in stappen doorgevoerd. Doel van deze maatregelen is het terugdringen van fraude en zorgen dat de regeling betaalbaar blijft.

  • Tijdstraject wetgeving kinderopvangtoeslag
  • Koppeling gewerkte uren en opvanguren voor kinderopvangtoeslag
  • Kinderopvangtoeslag met terugwerkende kracht beperken
  • Geen kinderopvangtoeslag zonder ander inkomen
  • Maximum aantal uren kinderopvang voor alle opvangsoorten
  • Overige maatregelen kinderopvangtoeslag: meer controleren en boetes

Tijdstraject wetgeving kinderopvangtoeslag: De invoering is afhankelijk van de tijd die nodig is voor voorbereiding van wetgeving en uitvoering. In 2011 controleert de Belastingdienst strenger bij aanvragen voor kinderopvangtoeslag. In 2013 wordt de boete ingevoerd voor het te laat doorgeven van vermindering van opvanguren. De overige maatregelen gaan per 2012 in.

Koppeling gewerkte uren en opvanguren voor kinderopvangtoeslag: Het recht op kinderopvangtoeslag wordt gekoppeld aan het aantal uren van de partner die het minst werkt. Bij kinderen tot 4 jaar die gebruik maken van de dagopvang, is het recht op toeslag berekend op 140% van die gewerkte uren. Zo worden ook de reistijd en (middag)pauzetijd gecompenseerd. Voor kinderen vanaf 4 jaar bedraagt dat percentage 70%. Deze kinderen maken immers minder uren gebruik van kinderopvang omdat zij ook naar school gaan.

Als u en/of uw partner een onregelmatig arbeidspatroon heeft, zult u aan het begin van het jaar een zo goed mogelijke schatting moeten maken van het aantal uren dat u werkt. U kunt beter een te laag aantal uren opgeven dan te hoog. Dit om te voorkomen dat u grote bedragen terug moet betalen aan de Belastingdienst/Toeslagen.

Kinderopvangtoeslag met terugwerkende kracht beperken: De mogelijkheid om kinderopvangtoeslag met terugwerkende kracht aan te vragen, wordt zo goed als afgeschaft. Alleen kosten die gemaakt zijn vanaf 1 maand vóór de datum van aanvraag komen nog in aanmerking.

Geen kinderopvangtoeslag zonder ander inkomen: Gastouders die geen andere inkomsten hebben dan inkomsten uit gastouderopvang, kunnen straks zelf geen kinderopvangtoeslag meer ontvangen. Dit moet voorkomen dat ouders zonder werk elkaars gastouder worden en daarvoor kinderopvangtoeslag ontvangen.

Maximum aantal uren kinderopvang voor alle opvangsoorten: Op dit moment kunnen ouders per kind 230 uur per maand per opvangsoort declareren. Dat betekent dat ouders bijvoorbeeld 230 uur voor buitenschoolse opvang en 230 uur voor gastouderopvang, samen dus 460 uur per maand, kunnen declareren voor hetzelfde kind. Dit wordt gewijzigd naar een maximum van 230 uur voor alle opvangsoorten samen.

Overige maatregelen kinderopvangtoeslag: meer controleren en boetes: De Belastingdienst controleert nog in 2011 scherper bij de aanvraag van kindertoeslag. Instellingen voor kinderopvang gaan ouders informeren over het aantal uren waarover zij kinderopvangtoeslag kunnen aanvragen. Zo kunnen ouders uit onwetendheid niet te veel uren opgeven. Het boetebedrag bij fraude met kinderopvangtoeslag kan straks maximaal even groot zijn als het fraudebedrag. Wie nogmaals fraudeert, krijgt de daaropvolgende 5 jaar geen toeslag meer. Vanaf 2013 kan de belastingdienst ook een boete opleggen als te laat wordt doorgegeven dat het aantal opvanguren is verminderd.

(Bron: overheid 10-11-2011)

Vergrijpboete niet altijd voor u bestemd

Ontvangt u een naheffingsaanslag en vergrijpboete, dan hoeft u die niet altijd te betalen. Zeker niet als u een adviseur of accountant in de arm heeft genomen. U mag er immers vanuit gaan dat hij uw zaken goed regelt. In dat geval kunt u aantonen dat er geen sprake is van grove schuld aan uw kant.

Bent u zelf minder goed met cijfers, dan is het raadzaam om een externe deskundige in te schakelen voor bijvoorbeeld uw loonadministratie. Hij zorgt er dan voor dat u uw op tijd genoeg belasting betaalt. Als u uw belasting namelijk te laat betaalt of u betaalt te weinig, dan kan de Belastingdienst bij grove
schuld of opzet een vergrijpboete opleggen. Grove schuld houdt in dat u nalatig, onzorgvuldig of onachtzaam bent geweest bij uw aangifte. Er is sprake van opzet als u willens en wetens met uw aangifte heeft geknoeid. Heeft u een adviseur ingeschakeld, dan kunt u alsnog een vergrijpboete krijgen. Maar u hoeft deze niet altijd te betalen. Uit een recente rechtszaak bleek dat als u kunt aantonen
dat er geen twijfel bestond over de juistheid van de adviezen van uw adviseur, u de boete niet altijd verschuldigd bent.

Bv had geen reden tot twijfel

In de zaak stond een bv centraal die een adviseur de fiscale zaken liet regelen. Na een boekenonderzoek bleek echter dat de administratie niet op orde was. De fiscus legde daarom een naheffingsaanslag loonbelasting/premie volksverzekeringen op met een vergrijpboete. Dit vond de bv onterecht, omdat er
geen sprake was van grove schuld; de adviseur regelde alles. Uiteindelijk boog de Hoge Raad zich over de zaak, die het eens was met de bv. De bv had namelijk geen aanwijzingen dat ze moest twijfelen aan de deskundigheid van de adviseur. Er was dus geen sprake van grove opzet, waarop de boete werd vernietigd.

(Bron: BV Rendement 2-11-2011)